ECLI:NL:RBZWB:2026:9383

ECLI:NL:RBZWB:2026:9383

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 26-08-2026
Datum publicatie 28-09-2026
Zaaknummer 11907993 \ CV EXPL 25-3472
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Middelburg

Samenvatting

Betreft een zaak tussen twee buren over een moeraseik, waarvan in deze procedure is gebleken dat deze in de verboden zone staat. Buurman B wordt veroordeeld tot verwijdering daarvan. De tegenvorderingen van buurman B over de beukenhaag worden afgewezen, omdat hij zijn schade onvoldoende heeft onderbouwd.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Middelburg

Zaaknummer: 11907993 \ CV EXPL 25-3472

Vonnis van 26 augustus 2026

in de zaak van

1. [buurman A] ,

te [plaats] ,2. [buurvrouw A],

te [plaats] ,

eisende partijen in conventie,

verwerende partijen in (voorwaardelijke) reconventie,

hierna samen te noemen: [buren A] ,

gemachtigde: [gemachtigde] (Stichting Rechtsbijstand ZLM),

tegen

1. [buurman B] ,

te [plaats] ,

2. [buurvrouw B],

te [plaats] ,

gedaagde partijen in conventie,

eisende partijen in (voorwaardelijke) reconventie,

hierna samen te noemen: [buren B] ,

gemachtigde: mr. M. ter Velde.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 17 september 2025 met producties;- de conclusie van antwoord, tevens eis in (voorwaardelijke) reconventie met producties;- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald;

- de conclusie van antwoord in (voorwaardelijke) reconventie met producties;

- de akte overlegging producties, tevens van wijziging van eis in (voorwaardelijke) reconventie;

- de mondelinge behandeling van 23 juli 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt;- de spreekaantekeningen van [gemachtigde] ;

- de spreekaantekeningen van mr. Ter Velde.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

De percelen van [buren A] en [buren B] grenzen aan elkaar.

De achtertuinen worden van elkaar gescheiden door een beukenhaag. Deze wordt door partijen gezamenlijk onderhouden. Aan zijn kant van de beukenhaag heeft [buren A] een houten hekwerk geplaatst om zijn honden tegen te houden.

In de voortuin van [buren A] staat een ligusterhaag vlakbij de erfgrens.

In 2023 heeft [buren B] zijn tuin opnieuw laten aanleggen. Daarbij is in de buurt van de beukenhaag een moeraseik geplant.

Op 30 november 2024 heeft [buren A] [buren B] schriftelijk verzocht de moeraseik uiterlijk op 31 maart 2025 te verplaatsen of te verwijderen, omdat deze volgens hem in de verboden zone van 2 meter van de erfgrens staat. [buren B] heeft geen gehoor gegeven aan dit verzoek.

Daarop heeft [buren A] op 22 april 2025 een erfgrensreconstructie laten uitvoeren door het Kadaster. [buren B] is niet uitgenodigd om daarbij aanwezig te zijn.

Van de erfgrensreconstructie is door het Kadaster de volgende tekening gemaakt:

[afbeelding geanonimiseerd]

In de periode tussen 22 april en 12 mei 2025 heeft [buren A] enkele takken uit de beukenhaag weggeknipt, waardoor een gat is ontstaan. Vervolgens heeft hij aan zijn kant van de beukenhaag, ter hoogte van het gat, vier nieuwe beukenhagen geplant.

3. Het geschil

in conventie

[buren A] vordert – samengevat – dat [buren B] bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, hoofdelijk wordt veroordeeld tot:

I. verwijdering van de moeraseik, binnen veertien dagen na betekening van het vonnis, op straffe van een dwangsom van € 250,00 per dag met een maximum van € 10.000,00;

II. betaling aan [buren A] van de volgende kosten:

a. de kosten van de erfgrensreconstructie van € 540,00;

b. de buitengerechtelijke incassokosten van € 462,50;

c. de proceskosten.

[buren A] legt aan de vorderingen ten grondslag dat uit de erfgrensreconstructie van het Kadaster blijkt waar de erfgrens tussen de percelen zich precies bevindt. Vanaf de erfgrens bedraagt de afstand tot de moeraseik slechts 1,84 meter. Deze bevindt zich dus in de verboden zone. [buren A] is daarom gerechtigd om verwijdering van de moeraseik te vorderen. De kosten voor de erfgrensreconstructie zijn gemaakt ter vaststelling van de onrechtmatige situatie en komen dus voor vergoeding in aanmerking. Omdat de vordering van [buren A] er één is van onbepaalde waarde in een kantonzaak, bedraagt de vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten de helft van het tarief van € 925,00 dat in advocatenzaken van toepassing is.

[buren B] voert het volgende verweer tegen de vorderingen. Hij betwist de juistheid van de erfgrensreconstructie door het Kadaster en de meting van de afstand tussen de erfgrens en de moeraseik door [buren A] . De erfgrens ligt onder het houten hekwerk van [buren A] , zodat de moeraseik buiten de verboden zone staat. Daarnaast heeft [buren A] toestemming gegeven om de moeraseik op deze plek te planten. Hij heeft verder onvoldoende belang bij zijn vordering tot verwijdering van de moeraseik. De kosten van de erfgrensreconstructie komen geheel voor rekening van [buren A] als opdrachtgever. De buitengerechtelijke incassokosten komen evenmin voor vergoeding in aanmerking, omdat [buren A] een rechtsbijstandverzekering heeft. Daarnaast is onbegrijpelijk waarom de helft van het tarief voor een advocatenzaak wordt gevorderd.

in (voorwaardelijke) reconventie

[buren B] vordert – samengevat en na wijziging van eis – dat [buren A] bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, (hoofdelijk) wordt veroordeeld om:

I. binnen veertien dagen na betekening van het vonnis aan [buren B] te betalen een bedrag van € 930,84 aan schadevergoeding voor de beukenhaag, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de vijftiende dag na betekening;

II. over te gaan tot verplaatsing of verwijdering van de nieuwe geplante beukenhagen, binnen veertien dagen na betekening van het vonnis, op straffe van een dwangsom van € 250,00 per dag met een maximum van € 7.500,00;

III. aan [buren B] te betalen de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover;

en voorwaardelijk, voor zover de vordering van [buren A] tot verplaatsing of verwijdering van de moeraseik geheel of gedeeltelijk wordt toegewezen:

IV. over te gaan tot verplaatsing of verwijdering van de ligusterhaag, binnen veertien dagen na betekening van het vonnis, op straffe van een dwangsom van € 250,00 per dag met een maximum van € 7.500,00;

V. aan [buren B] te betalen de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover.

[buren B] legt aan zijn vorderingen ten grondslag dat [buren A] onrechtmatig heeft gehandeld door een gat in de beukenhaag te maken. Deze is namelijk eigendom van [buren B] . De beukenhaag is onherstelbaar beschadigd en moet vervangen worden. De nieuw geplante beukenhagen aan de zijde van [buren A] staan daaraan in de weg. Daarom dient [buren A] deze te verplaatsen of te verwijderen. Verder is bij de erfgrensreconstructie naar voren gekomen dat de ligusterhaag aan de voorzijde van het perceel van [buren A] binnen de verboden zone van 0,5 meter van de erfgrens staat.

[buren A] voert tegen de vorderingen aan dat de beukenhaag mandelig is, omdat deze op de erfgrens staat. Het wegknippen van de dode takken valt onder het normaal onderhoud van de mandelige erfafscheiding en is dus niet onrechtmatig. Inmiddels hebben de nieuw geplante beukenhagen het gat weer opgevuld. Er is dus geen sprake van schade. De vordering met betrekking tot de ligusterhaag is verjaard.

4. De beoordeling

in conventie

verwijdering van de moeraseik

Het draait bij de beoordeling van deze vordering om de vraag of de moeraseik in de verboden zone staat. De kantonrechter beantwoordt deze vraag bevestigend. Zij licht haar oordeel hieronder toe.

De verboden zone voor een moeraseik bedraagt 2 meter van de erfgrens, te rekenen vanaf het midden van de voet van de boom. Dit volgt uit artikel 5:42 lid 1 en lid 2 BW. Er is geen afwijkende regeling opgenomen in de APV van de gemeente Terneuzen .

Om aan te geven waar de erfgrens loopt, heeft de medewerker van het Kadaster bij de erfgrensreconstructie drie ijzeren buizen in de grond geslagen. Deze buizen worden op de tekening onder 2.7 weergegeven als een zwarte stip met een cirkel eromheen en de aanduiding ‘ijz bs’.

De middelste buis staat ter hoogte van de moeraseik. Uit de overgelegde foto’s blijkt dat deze buis in de beplanting staat en dus niet tegen het hekwerk, wat volgens [buren B] de erfgrens is.

Het enkele feit dat [buren B] niet bij de erfgrensreconstructie aanwezig was, maakt nog niet dat de meting van het Kadaster onbetrouwbaar en/of onjuist is. Dat standpunt had [buren B] nader moeten motiveren, bijvoorbeeld door het overleggen van een afwijkende erfgrensreconstructie. Desgevraagd heeft hij op de mondelinge behandeling echter verklaard dat hij niet heeft overwogen om zelf een (tweede) erfgrensreconstructie door het Kadaster te laten uitvoeren. De kantonrechter stelt daarom vast dat de erfgrens onder de beukenhaag loopt.

Om de afstand van de moeraseik tot de erfgrens te bepalen, heeft [buren A] vanaf de middelste ijzeren buis zelf een meting uitgevoerd met een meetlint. Hiervan heeft hij ook foto’s overgelegd. De afstand van de ijzeren buis tot het midden van de stam van de moeraseik bedraagt 1,84 meter. Hiermee komt voldoende vast te staan dat de moeraseik zich in de verboden zone bevindt.

[buren B] beroept zich er nog op dat [buren A] toestemming heeft gegeven voor het planten van de moeraseik in de verboden zone. In eerste instantie heeft [buren B] leibomen in zijn tuin geplant, maar daar heeft [buren A] bezwaar tegen gemaakt. Daarop zijn de leibomen verwijderd en heeft de hovenier (onder meer) de moeraseik geplant. Daarbij is hij uitgegaan van een afstand van 2 meter vanaf het houten hekwerk. [buren A] heeft vanuit het raam op de bovenverdieping van zijn woning uitgekeken op deze werkzaamheden en hij heeft er geen bezwaar tegen gemaakt. Hij heeft zelfs tegen [buren B] gezegd dat de tuin er netjes uitzag, aldus [buren B] . Verder blijkt volgens hem uit de WhatsApp berichten van 18 mei en 24 juni 2025 dat overeenstemming met [buren A] is bereikt over de moeraseik.

Als [buren A] toestemming heeft gegeven (hetgeen hij betwist) voor het planten van de moeraseik in de verboden zone, dan kan hij daar op grond van artikel 6:42 lid 1 BW geen verwijdering meer van vorderen. Daarvan is echter geen sprake. Dat [buren A] heeft staan toekijken op het moment dat de moeraseik werd geplant en daar geen bezwaar (althans niet meteen) tegen heeft gemaakt, is niet voldoende om aan te nemen dat [buren A] toestemming heeft gegeven voor het planten van de moeraseik in de verboden zone. Dat [buren A] toestemming zou hebben verleend blijkt ook niet uit de door [buren B] overgelegde verklaring van zijn hovenier over de uitgevoerde werkzaamheden en de hiervoor genoemde WhatsApp berichten, waarin alleen wordt gesproken over snoeiwerkzaamheden aan de beukenhaag en de ligusterhaag.

De kantonrechter dient terughoudend te zijn met het afwijzen van een vordering vanwege het ontbreken van voldoende belang (artikel 3:303 BW). Artikel 6:42 lid 1 BW vereist ook niet dat [buren A] een concreet belang heeft bij verwijdering van de moeraseik, maar hij heeft dat belang wel degelijk. De moeraseik is nu nog jong en zal in de toekomst alleen maar groter en breder worden. Volgens [buren A] kan een moeraseik een hoogte van wel 20 meter bereiken, hetgeen door [buren B] niet is weersproken. De moeraseik is al eens met zijn takken over de erfgrens heen gegroeid. Het belang van [buren B] bij het behoud van de moeraseik, namelijk dat hij anders kosten moet maken voor de verwijdering ervan, weegt niet op tegen het belang van [buren A] . Het is bovendien aannemelijk dat de kosten van verwijdering alleen maar hoger worden naarmate daar langer mee wordt gewacht, omdat de moeraseik nog verder zal groeien.

De vordering tot verwijdering van de moeraseik zal op grond van het voorgaande worden toegewezen. De kantonrechter acht een termijn van veertien dagen na betekening van het vonnis daarvoor redelijk.

dwangsom

De kantonrechter ziet geen aanleiding om de dwangsom die is gevorderd te matigen. Deze zal eveneens worden toegewezen.

de kosten van de erfgrensreconstructie

[buren A] heeft € 540,00 aan kosten moeten maken voor het uitvoeren van een erfgrensreconstructie door het Kadaster. Hij vordert vergoeding van deze kosten, omdat zonder deze erfgrensreconstructie niet kan worden vastgesteld of de moeraseik in de verboden zone staat. Partijen waren het immers niet eens over waar de erfgrens precies ligt. Dit betekent dat [buren A] deze kosten heeft gemaakt ter vaststelling van schade dan wel aansprakelijkheid als bedoeld in artikel 6:96 lid 2 onder b BW en hij daarvan vergoeding kan vorderen. Of [buren B] heeft ingestemd met het laten uitvoeren van de erfgrensreconstructie, is daarvoor niet relevant. Het bedrag van € 540,00 wordt toegewezen.

buitengerechtelijke incassokosten

Daarnaast wordt door [buren A] een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten gevorderd van € 462,50. De kantonrechter beoordeelt deze vordering aan de hand van het Rapport BGK-Integraal. In hoofdstuk 5 van het Rapport is bepaald dat bij de beoordeling van de vordering buiten beschouwing moet blijven of de buitengerechtelijke incassokosten worden gedragen door een rechtsbijstandverzekering. Verder volgt uit hoofdstuk 3 dat bij vorderingen van onbepaalde waarde in kantonzaken zoals de onderhavige aansluiting wordt gezocht bij de helft van het tarief in advocaatzaken, namelijk € 462,50. Het verweer van [buren B] slaagt dus niet. Het bedrag van € 462,50 wordt toegewezen.

proceskosten

[buren B] is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [buren A] worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding

€

147,87

- griffierecht

€

226,00

- salaris gemachtigde

€

288,00

(2 punten × € 144,00)

- nakosten

€

72,00

(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

€

733,87

in (voorwaardelijke) reconventie

de beukenhaag

In het midden kan blijven of de beukenhaag eigendom is van [buren B] , omdat hij met de verklaring van zijn hovenier onvoldoende heeft onderbouwd dat hij door het wegknippen van de takken door [buren A] schade heeft geleden. Die hovenier heeft namelijk verklaard dat de beukenhaag niet meer op natuurlijke wijze zal dichtgroeien omdat het oude hout geen slapende knoppen bevat die opnieuw kunnen uitschieten en dat herstel van de beukenhaag alleen mogelijk is door nieuwe beukenhagen te planten op de plek van de beschadiging. Uit de foto’s van [buren A] van zijn kant van de beukenhaag blijkt echter dat het gat inmiddels is hersteld door de aanplant van de nieuwe beukenhagen. Uit de foto’s van [buren B] kan niet worden afgeleid dat het gat nog wel zichtbaar is aan zijn kant van de beukenhaag. De kantonrechter wijst de gevorderde schadevergoeding daarom af.

verwijdering van de nieuw geplante beukenhagen

De hovenier van [buren B] heeft ook verklaard dat voor het herstel van de beukenhaag de nieuw geplante beukenhagen aan de zijde van [buren A] moeten worden verwijderd, zodat de nieuwe beukenhaag voldoende zonlicht krijgt om te groeien en te overleven. Gelet op hetgeen hiervoor over de schade aan de beukenhaag is overwogen, ziet de kantonrechter hierin geen grond om de vordering tot verwijdering van de nieuw geplante beukenhagen toe te wijzen.

verwijdering van de ligusterhagen

De voorwaarde waaronder [buren B] de vordering tot verwijdering van de ligusterhagen heeft ingesteld, is vervuld. Nu [buren B] op de mondelinge behandeling heeft medegedeeld deze vordering in te trekken, wordt aan de inhoudelijke beoordeling daarvan echter niet toegekomen.

proceskosten

[buren B] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [buren A] worden begroot op:

- salaris gemachtigde

€

288,00

(2 punten × € 144,00)

Totaal

€

288,00

5. De beslissing

De kantonrechter:

in conventie

veroordeelt [buren B] hoofdelijk tot verwijdering van de moeraseik die zich in de verboden zone op zijn perceel bevindt, binnen een termijn van veertien dagen na betekening van het vonnis, op straffe van een dwangsom van € 250,00 per dag met een maximum van € 10.000,00;

veroordeelt [buren B] hoofdelijk tot betaling aan [buren A] van € 540,00 voor de erfgrensreconstructie;

veroordeelt [buren B] hoofdelijk tot betaling aan [buren A] van € 462,50 aan buitengerechtelijke incassokosten;

veroordeelt [buren B] hoofdelijk in de proceskosten van € 733,87, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe;

veroordeelt [buren B] hoofdelijk tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de nakosten van € 72,00, met ingang van de vijftiende dag na de datum van het vonnis, tot aan de dag van algehele voldoening;

wijst het meer of anders gevorderde af;

in (voorwaardelijke) reconventie

wijst de vorderingen van [buren B] af;

veroordeelt [buren B] hoofdelijk in de proceskosten van € 288,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe;

in conventie en in (voorwaardelijke) reconventie

veroordeelt [buren B] hoofdelijk tot betaling van de kosten van betekening van het vonnis als [buren B] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;

veroordeelt [buren B] hoofdelijk tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de kosten van betekening, met ingang van de vijftiende dag na betekening van het vonnis, tot aan de dag van algehele voldoening;

verklaart dit vonnis voor wat de veroordelingen betreft uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. Van der Burgt en in het openbaar uitgesproken op 26 augustus 2026.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand