ECLI:NL:RBROT:2026:12543

ECLI:NL:RBROT:2026:12543

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 24-08-2026
Datum publicatie 24-09-2026
Zaaknummer C/10/724344 / JE RK 26-1546
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Beschikking
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Verlenging machtiging tot uithuisplaatsing

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd

Zaaknummer: C/10/724344 / JE RK 26-1546

Datum uitspraak: 24 augustus 2026

Beschikking van de kinderrechter over een verlenging machtiging tot uithuisplaatsing

in de zaak van

de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering,

gevestigd te Amsterdam,

hierna te noemen: de GI,

over

[minderjarige] ,

geboren op [geboortedag] 2025 in [geboorteplaats] ,

hierna te noemen: [minderjarige] .

De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:

[moeder] ,

hierna te noemen: de moeder,

wonende in [plaats] ,

advocaat: mr. S. Meeuwsen, kantoorhoudende in Gorinchem.

1. Het verloop van de procedure

De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 3 augustus 2026;

een mail met bijlagen van de advocaat van de moeder, ontvangen op 21 augustus 2026.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 24 augustus 2026. Daarbij waren aanwezig:

- de moeder met haar advocaat;

- een vertegenwoordiger van de GI, [vertegenwoordiger van de GI] .

2. De feiten

De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige] .

[minderjarige] verblijft in een pleeggezin.

Bij beschikking van 16 februari 2026 is [minderjarige] onder toezicht gesteld van de GI (JBRR) tot 16 februari 2027. Ook is een machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] in een voorziening van pleegzorg verleend tot 26 augustus 2027.

3. Het verzoek

De GI verzoekt de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] in een voorziening voor pleegzorg te verlengen voor de duur van de ondertoezichtstelling en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

4. De standpunten

De GI heeft het verzoek ter zitting gehandhaafd en als volgt nader toegelicht. De afgelopen periode is er veel geprobeerd en zijn meerdere instanties benaderd om de moeder samen met [minderjarige] te kunnen plaatsen. Alle instanties van moeder-kindhuizen hebben de zaak tot nu toe echter afgewezen. De moeder en [minderjarige] lijken niet passend gezien de hoeveelheid zorg die de moeder nodig heeft. Het is van belang dat de moeder eerst voldoende basisvaardigheden leert en dat zij de signalen van [minderjarige] goed leert (her)kennen. De bedoeling is om de observatie van de omgang en de verdere hulp bij haar opvoedvaardigheden over te dragen aan Needed People. Zij zouden in september kunnen starten. Er moet alleen nog een intake plaatsvinden. De moeder heeft inmiddels een WLZ indicatie gekregen, waardoor verder gezocht kan worden naar een eventueel passende instelling. De vraag is uitgezet bij zorgbemiddeling, maar zij geven aan dat er geen 24-uurs moeder-kindvoorziening is. Met [minderjarige] zelf gaat het gelukkig goed en hij ontwikkelt zich goed binnen het pleeggezin.

Door en namens de moeder is ingestemd met het verzoek. Van meet af aan is duidelijk geweest dat de instanties erop uit zijn geweest om het gezag van de moeder te beëindigen. De moeder-kindhuizen die zijn benaderd waren op voorhand al niet passend gezien de problematiek van de moeder. Het is van belang dat de moeder met [minderjarige] in een 24-uurssetting terecht komt en het is aan de GI om deze te vinden. Indien blijkt dat dergelijke zorg niet bestaat, is er een ander verzoek vanuit de GI nodig. Voor nu is het logisch dat [minderjarige] niet thuis bij de moeder kan wonen.

5. De beoordeling

Op basis van de stukken en de zitting is de kinderrechter van oordeel dat de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding. Alle betrokkenen zijn het erover eens dat het op dit moment niet mogelijk is dat [minderjarige] thuis bij de moeder gaat wonen. Er is eenmaal per week omgang met de moeder en dat verloopt goed. Gebleken is echter dat de moeder tijdens de omgang veel ondersteuning nodig heeft van de hulpverleners om de signalen die [minderjarige] geeft te herkennen. Zij is op dit moment dan ook niet in staat om zelfstandig voor [minderjarige] te zorgen.

Het is van belang dat de komende periode, samen met Needed People, gekeken wordt of de opvoedvaardigheden van de moeder kunnen worden vergroot en wordt beoordeeld of een uitbreiding van de omgang mogelijk is. De afgelopen periode heeft de GI geprobeerd om een moeder-kindhuis te vinden waar de moeder samen met [minderjarige] terecht kan. Helaas zijn tot nu toe alle aanvragen van de GI afgewezen vanwege de zorgbehoefte van de moeder. De GI heeft ter zitting toegezegd ook de komende periode haar best te doen om een passende plek voor de moeder en [minderjarige] te vinden, maar het is de vraag of er een voorziening gevonden wordt die aan de zorgbehoefte van de moeder kan voldoen. De moeder beschikt inmiddels over een WLZ-indicatie. De GI heeft bovendien de hulp van zorgbemiddeling ingeschakeld. De moeder en haar advocaat hebben ter zitting kenbaar gemaakt dat de GI niet alle mogelijkheden benut. Mochten de moeder en haar advocaat instellingen op het oog hebben die nog niet zijn benaderd, dringt de kinderrechter erop aan dat deze bij de GI onder de aandacht worden gebracht.

De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.

6. De beslissing

De kinderrechter:

verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] in een voorziening voor pleegzorg tot 15 februari 2027;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 24 augustus 2026 door mr. S. Riege, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. N.E. Moerkerken als griffier, en op schrift gesteld op 22 september 2026.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. N.E. Moerkerken als

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand