RECHTBANK Oost-Brabant
Civiel recht
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
Zaaknummer: C/01/427626 / KG ZA 26-197
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak in het incident in kort geding van 11 september 2026
in de zaak van
1. LUMOSA LIGHTING B.V.,
gevestigd te Son en Breugel,2. AEROLUX B.V.,
gevestigd te Oldenzaal,
eisende partijen,
hierna samen te noemen: Lumosa en Aerolux,
advocaten: mr. J.P.M. van Beers, A.R.S.P. Lachmansingh, R. Smit te ‘s-Hertogenbosch
tegen
GEMEENTE MAASHORST,
zetelend te Uden,
gedaagde partij,
hierna te noemen: de Gemeente ,
advocaten: mr. M.J. Mutsaers en mr. M.A.J. de Groot te Nijmegen.
Het kort geding wordt gehouden in het gebouw van de rechtbank in 's-Hertogenbosch.
De zaak wordt behandeld door mr. J.A. van Voorthuizen, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E.G.M. Jenniskens als griffier.
Aanwezig zijn:
- [A] namens Lumosa en Aerolux met mr. Van Beers en mr. Lachmansingh
- [B] namens de Gemeente met mr. Mutsaers en mr. De Groot.
1. Overwegingen
Bij de mondelinge behandeling is in de eerste plaats de door de Gemeente in haar conclusie van antwoord opgeworpen exceptie van (relatieve) onbevoegdheid van de voorzieningenrechter aan de orde gesteld.
Partijen hebben op de zitting hun standpunten ten aanzien van het bevoegdheidsincident toegelicht. Vervolgens is de mondelinge behandeling gesloten en heeft de voorzieningenrechter op de zitting in aanwezigheid van partijen mondeling uitspraak gedaan die luidt als volgt.
Op 17 januari 2026 heeft de Gemeente de Europese Openbare Aanbesteding VerLEDden sportverlichting Maashorst 2026 gepubliceerd.
In de Inschrijvingsleidraad van de aanbesteding van 15 januari 2026 is in 5.9 onder het kopje ’Rechtsbescherming’ een forumkeuze opgenomen voor geschillen die zijn ontstaan naar aanleiding van deze aanbesteding. Aanvankelijk werd daarin de rechter van de rechtbank Oost-Brabant vermeld als de rechter aan wie geschillen moeten worden voorgelegd.
Bij Nota van Inlichtingen onder nr. 33 (publicatiedatum 10 juni 2026) is de Inschrijvingsleidraad aangepast waarbij de forumkeuze is gewijzigd. Bepaald is dat geschillen over deze aanbesteding moeten worden voorgelegd aan de bevoegde rechter van de rechtbank Amsterdam.
Er is geen rechtsregel die zich daartegen verzet, ook niet nu een eerdere aanbesteding door de voorzieningenrechter werd gesanctioneerd. Het gaat hier om een nieuwe aanbesteding waarover in deze zaak een geschil wordt voorgelegd.
Lumosa en Aerolux maken immers bezwaar tegen eisen die in het bestek worden gesteld. Daarmee zijn zij gebonden aan de procedurevoorwaarden, waaronder de forumkeuze, die zijn opgenomen in de Inschrijvingsleidraad. Dat zij bezwaar hebben gemaakt tegen de wijziging daarvan, maakt dat niet anders. Het betreft een procedurele voorwaarde die in beginsel tot de keuzevrijheid van de Gemeente behoort, waarvan de Gemeente voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij daarbij een belang heeft en de wijziging is voldoende tijdig doorgevoerd.
Bovendien wordt met de wijziging aan Lumosa en Aerolux geen rechtsbescherming onthouden. Zij kunnen zich immers wenden tot de voorzieningenrechter in Amsterdam.
Uit het forumkeuzebeding blijkt, ook als het in kort geding gevorderde voorzieningen betreft, dat Lumosa en Aerolux de zaak aanhangig moeten maken bij de voorzieningenrechter in Amsterdam.
In artikel 108 Rv, dat ook geldt voor de kortgedingprocedure, is bepaald dat de rechter die wordt aangewezen bij uitsluiting bevoegd is. In de wet noch in de uitspraak van de HR van 3 juni 2016 (ECLI:NL:HR:2016:1087) is steun te vinden voor het standpunt dat het in het geval van een kortgedingprocedure daarbij gaat om (enkel) een aanvullende bevoegdheid. Dat het eigen karakter van het kort geding meebrengt dat het wordt beheerst door eigen processuele regels maakt dat niet anders. Het gaat daarbij veeleer over de wijze hoe de procedure moet worden gevoerd, niet bij wie (voor welk forum).
Een flexibele procesvoering en een spoedige en efficiënte procesvoering kan ook worden bereikt bij het gekozen forum.
Bij dit alles komt dat er uit het oogpunt van het voorkomen van tegenstrijdige uitspraken voor moet worden gewaakt dat in dezelfde aanbestedingsprocedure door (potentiële) inschrijvers bij verschillende voorzieningenrechters procedures aanhangig worden gemaakt.
Deze voorzieningenrechter is daarom onbevoegd om van het geschil kennis te nemen en daarin te oordelen en zal de zaak op grond van artikel 73 Rv. verwijzen naar de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam. Aan de vorderingen van De Gemeente om Lumosa en Aerolux niet-ontvankelijk te verklaren, althans haar vorderingen af te wijzen komt de voorzieningenrechter dan niet toe.
Lumosa en Aerolux zullen als de in het incident in het ongelijk te stellen partijen de proceskosten van De Gemeente moeten vergoeden, welke tot op heden worden vastgesteld op € 1.177,-- aan salaris advocaat, vermeerderd met de gevorderde wettelijke rente indien deze niet op tijd worden voldaan. De nakosten worden geacht te zijn inbegrepen in de proceskosten.
2. Beslissing
De voorzieningenrechter:
verklaart zich onbevoegd om van de vorderingen van Lumosa en Aerolux in de hoofdzaak kennis te nemen en daarin te beslissen,
verwijst de zaak naar de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam,
wijst partijen erop dat voor voortzetting van de procedure vereist is dat een van partijen de overige partijen bij exploot oproept tegen een nieuwe datum (artikel 74 lid 1 jo artikel 110 lid 2 Rv.),
veroordeelt Lumosa en Aerolux (hoofdelijk) in de proceskosten van de Gemeente, welke zijn begroot op € 1.177,-- aan salaris advocaat, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de 15e dag na vandaag,
verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Deze mondelinge uitspraak is gewezen door mr. J.A. van Voorthuizen en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
Dit proces-verbaal is opgemaakt en ondertekend door de voorzieningenrechter.