ECLI:NL:RBGEL:2026:7691

ECLI:NL:RBGEL:2026:7691

Instantie Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak 07-09-2026
Datum publicatie 06-10-2026
Zaaknummer 05/242903-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Arnhem

Samenvatting

De militaire kamer veroordeelt een 25-jarige matroos wegens het (medeplegen van) opzettelijk en wederrechtelijk vervaardigen van een visuele weergave van seksuele aard van een persoon en het openbaar maken daarvan tot een taakstraf van 160 uur, subsidiair 80 dagen hechtenis, en een voorwaardelijke militaire detentie van 2 maanden, inclusief bijzondere voorwaarden. Gedeeltelijke toewijzing van de vordering van de benadeelde partij, inclusief wettelijke rente en hoofdelijke schadevergoedingsmaatregel.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Arnhem

Parketnummer: 05/242903-25

Datum uitspraak : 7 september 2026

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige militaire kamer

in de zaak van

de officier van justitie

tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedag] 2001 in [geboorteplaats] ,

wonende aan [adres] in [woonplaats] .

Raadsman: mr. D.C. Coppens, advocaat in Amsterdam.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op een openbare terechtzitting.

1. De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

1.hij, meermalen, althans eenmaal, op of omstreeks 13 mei 2025 in de gemeente Den Helder, aan boord van het marineschip [naam] , tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen opzettelijk en wederrechtelijk van een persoon, te weten [aangever] één of meer visuele weergave(n) van seksuele aard, te weten een livestream en/of een live-video en/of video’s en/of foto’s en/of printscreens, waarop te zien was dat die [aangever] en (mede)verdachte (zelf) seks hebben, heeft/hebben vervaardigd;

2.hij, meermalen, althans eenmaal, op of omstreeks 13 mei 2025 in de gemeente Den Helder, aan boord van het marineschip [naam] , tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen één of meer visuele weergave(n) van seksuele aard, te weten een livestream en/of een live-video en/of video’s en/of foto’s en/of printscreens van een persoon, teweten [aangever] , waarop te zien was dat die [aangever] en (mede)verdachte (zelf) seks hebben, openbaar heeft/hebben gemaakt, terwijl verdachte en/of zijn medeverdachte wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat deze opzettelijk en wederrechtelijk was/waren vervaardigd en/of terwijl verdachte en/of zijn medeverdachte wist(en) dat die openbaarmakingnadelig voor die [aangever] kon zijn.

2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs

De feiten

Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.

Op 13 mei 2025 was er een feestje in het CAF aan boord van [naam] , die op dat moment in Den Helder lag. Medeverdachte [medeverdachte] en verdachte [verdachte] waren destijds als matroos der eerste klasse van de technische dienst op dat schip geplaatst. Op dit feest mochten ook genodigden komen. In dat kader was [aangever] , matroos der eerste klasse op [naam] , aanwezig. Medeverdachte [medeverdachte] en [aangever] vonden elkaar leuk en hebben gezoend. Daarna vroeg medeverdachte [medeverdachte] of [aangever] mee wilde. Ze hebben vervolgens met wederzijdse instemming seks gehad in de nooddieselgeneratorkamer (hierna: NDGK). In de NDGK hing een camera die vanuit de technische centrale (hierna: TC) live kon worden uitgekeken. Verdachte [verdachte] heeft in de TC op die camerabeelden meegekeken en zag dat medeverdachte [medeverdachte] en [aangever] daar seks hadden.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de tenlastegelegde feiten.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft ten aanzien van feit 1 bepleit dat alleen bewezen kan worden verklaard dat

verdachte de livestream heeft bekeken en hiervan een foto heeft gemaakt. Er was geen sprake van de voor medeplegen vereiste nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en anderen.

De raadsman heeft vrijspraak bepleit ten aanzien van feit 2, omdat verdachte voornoemde livestream en/of foto niet openbaar heeft gemaakt. Hij heeft de livestream niet opzettelijk openbaar gemaakt voor de andere aanwezigen in de TC. Verder heeft verdachte de foto enkel getoond aan medeverdachte [medeverdachte] , maar aangezien [medeverdachte] zelf zichtbaar was op die foto, kan niet worden gezegd dat verdachte die foto aan het publiek openbaar heeft gemaakt.

Beoordeling door de militaire kamer

De verklaring van aangeefster

[aangever] heeft verklaard dat ze met medeverdachte [medeverdachte] is meegelopen naar een machinekamer (de militaire kamer begrijpt: de NDGK). Ze heeft na binnenkomst in de NDGK twee keer aan hem gevraagd: ‘Weet je zeker dat niemand het hier ziet’. [medeverdachte] antwoordde: “Niemand gaat het hier zien”. Vervolgens hebben ze in de NDGK met wederzijdse instemming seks gehad. De seks stopte toen medeverdachte [medeverdachte] klaar kwam. Als [aangever] had geweten dat iemand hen kon zien, had ze het niet gedaan. Naderhand hoorde ze van [getuige 1] (de militaire kamer begrijpt: getuige [getuige 1] ) dat verdachte [verdachte] [aangever] en medeverdachte [medeverdachte] had gefilmd vanuit de TC. [aangever] is na confrontatie met [medeverdachte] meegegaan naar zijn hut om hierover te praten. [medeverdachte] zei toen dat er hier, in zijn hut, geen camera’s hingen. Op de vraag van [aangever] of hij wist dat er camera’s hingen in de NDGK zei verdachte [medeverdachte] enkel: “sorry hier hangen geen camera’s”. Daarna is hij doorgegaan met proberen om seks met [aangever] te hebben. [aangever] wilde dit niet en uiteindelijk heeft getuige [getuige 2] haar bij medeverdachte [medeverdachte] weggetrokken.

Feit 1

Naar het oordeel van de militaire kamer kan het live uitkijken van camerabeelden worden aangemerkt als het vervaardigen van een visuele weergave als bedoeld in artikel 254ba van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) (overeenkomstig de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 29 augustus 2016, ECLI:NL:RBGEL:2016:4801).

Verdachte [verdachte] heeft de camerabeelden van de NDGK, waarop te zien was dat medeverdachte [medeverdachte] en [aangever] seks hadden, live uitgekeken. Verder heeft hij verklaard dat hij met zijn telefoon een foto heeft gemaakt van deze camerabeelden, waarop medeverdachte [medeverdachte] en [aangever] te zien waren.

Getuige [getuige 1] heeft verklaard dat verdachte [verdachte] haar een filmpje liet zien op Snapchat, waarop ze zag dat medeverdachte [medeverdachte] en [aangever] seks hadden.

Getuige [getuige 3] , commandant van [naam] , heeft verklaard dat hij op 14 mei 2025 een gesprek had met onder andere verdachte en medeverdachte [medeverdachte] . In dit gesprek heeft verdachte [verdachte] tegen [getuige 3] gezegd dat hij met zijn telefoon een opname heeft gemaakt van de camera.

Getuige [getuige 2] heeft verklaard dat hij in de TC zag dat verdachte [verdachte] de CCTV met de camera van de NDGK had aangezet en in de stoel zat bij het scherm. Op de camerabeelden zag [getuige 2] dat medeverdachte [medeverdachte] en [aangever] begonnen met zoenen en aan elkaar zaten. [verdachte] klikte op het knopje ‘afdrukken’. Sergeant [naam] vond de uitdraai van de camera, een soort screenshot van het beeldscherm, onder het toetsenbord.

Getuige [getuige 4] heeft verklaard dat verdachte [verdachte] in de TC foto’s heeft gemaakt met zijn mobiele telefoon. Verder werd er een screenshot gemaakt. Deze werd uitgedraaid. Volgens [getuige 4] kan alleen degene die de camera’s bedient daar een screenshot van maken, volgens hem was dat [verdachte] .

Het verweer van verdachte – dat hij niet de printscreen heeft gemaakt en dat er meerdere computers in de TC stonden en er meerdere mensen aanwezig waren, dus dat iemand anders het printscreen kan hebben gemaakt – vindt de militaire kamer niet aannemelijk geworden. Verdachte heeft namelijk ook verklaard dat er in ieder geval geen mensen stonden bij de stations die zich voor hem bevonden. Verder bevat het procesdossier geen enkel aanknopingspunt dat een andere persoon dan verdachte de printscreen zou hebben gemaakt of dat een andere persoon een andere computer (dan de computer waar verdachte achterzat) heeft aangezet. Hierbij neemt de militaire kamer in ogenschouw dat verdachte ook heeft verklaard dat je alleen een printscreen kan maken als je het scherm van de desbetreffende computer aan hebt gezet.

Op basis van het voorgaande stelt de militaire kamer vast dat verdachte een livestream en/of live-video, een foto, een video en een printscreen heeft vervaardigd, waarop te zien was dat medeverdachte [medeverdachte] en [aangever] seks hadden. Daarmee heeft hij een visuele weergave van seksuele aard vervaardigd. Uit de verklaring van [aangever] blijkt dat dit zonder haar medeweten of toestemming, en dus wederrechtelijk, is gebeurd.

De militaire kamer acht het onder 1 tenlastegelegde in zoverre wettig en overtuigend bewezen.

Ten aanzien van het tenlastegelegde medeplegen overweegt de militaire kamer als volgt.

Getuige [getuige 3] heeft verklaard dat verdachte [verdachte] in het gesprek op 14 mei 2025 tegen [getuige 3] heeft gezegd dat medeverdachte [medeverdachte] en verdachte [verdachte] al eens eerder tegen elkaar hadden gezegd dat het grappig zou zijn als iemand seks zou hebben in een ruimte met camera en de ander vanuit de TC mee kon kijken.

Getuige [getuige 5] heeft verklaard dat hij samen met verdachte [verdachte] en een paar andere matrozen naar de TC is gegaan, omdat verdachte [verdachte] vermoedde wat medeverdachte [medeverdachte] van plan was, te weten het verrichten van seksuele handelingen. Verdachte [verdachte] had namelijk tegen getuige [getuige 5] gezegd dat medeverdachte [medeverdachte] er met een dame vandoor ging. Daar kwam het grapje naar boven dat medeverdachte [medeverdachte] altijd wilde maken, namelijk seks hebben met een dame en dat je via de CCTV kon meekijken.

Verdachte [verdachte] heeft verklaard dat toen hij en medeverdachte [medeverdachte] geplaatst waren op [naam] en aan boord kwamen, er verhalen rond gingen over de NDGK. Het is bekend dat mensen daar wel eens seks hebben. Zij hebben toen een verhaal gehoord dat er mensen in de TC zaten en meekeken terwijl mensen seks hadden in de ruimte. Ze hadden gezegd dat het komisch zou zijn om dat te zien.

Op basis hiervan stelt de militaire kamer vast dat verdachte [verdachte] en medeverdachte [medeverdachte] in het verleden eerder hebben besproken dat het grappig zou zijn als één van hen seks met iemand zou hebben in een ruimte met camera en dat de ander dan vanuit de TC mee kon kijken via de camerabeelden.

Verdachte [verdachte] heeft verder verklaard dat hij zag dat [aangever] en medeverdachte [medeverdachte] samen wegliepen. [verdachte] keek waar ze naartoe gingen. Toen hij zag dat ze de rookplek voorbij liepen, dacht hij dat ze een ruimte gingen opzoeken. Hij had al een idee welke ruimte dat zou zijn, want er was daar één ruimte die een beetje privé is en waarvan je zeker weet dat er niemand binnen zou komen. Hij dacht dat ze seks zouden gaan hebben. [verdachte] wist dat er een camera in die ruimte hing en heeft in de TC de camerabeelden meegekeken.

Medeverdachte [medeverdachte] heeft verklaard dat verdachte [verdachte] heeft gezien dat zij (de militaire kamer begrijpt: [aangever] en [medeverdachte] ) samen wegliepen.

Gelet op vorenstaande stelt de militaire kamer vast dat verdachten eerder hadden gesproken over het bekijken van de camerabeelden in de TC terwijl de ander seks had in een ruimte waar een camera hing. Ook had medeverdachte [verdachte] door dat verdachte [medeverdachte] met [aangever] naar de NDGK ging om seks met haar te hebben en wist medeverdachte [medeverdachte] dat verdachte [verdachte] dit wist. Gelet hierop kan het volgens de militaire kamer niet anders dan dat er een nauwe en bewuste samenwerking tussen hen was, waarbij zij allebei, los van elkaar, een essentieel deel van hun plan uitvoerden. Daarom vindt de militaire kamer dat sprake was van medeplegen ten aanzien van het vervaardigen van de livestream en/of live-video.

Ten aanzien van het vervaardigen van de foto, video en printscreen is geen sprake van een nauwe en bewuste samenwerking, omdat uit het procesdossier niet blijkt dat medeverdachte [medeverdachte] wist danwel de aanmerkelijke kans aanvaardde dat verdachte [verdachte] dit zou gaan doen. In zoverre spreekt de militaire kamer verdachte vrij van het onderdeel medeplegen.

Feit 2

Het openbaar maken van een visuele weergave van seksuele aard vereist dat deze aan één of meer personen bekend wordt gemaakt. Dit houdt volgens de wetgever in dat degene die de weergave openbaar maakt zich wendt tot het publiek of iemand in het publiek. Diegene moet de weergave openbaar hebben willen maken (Kamerstukken II 2018/19, 35080, 3, p. 23). Bij het tonen van een afbeelding aan een groep omstanders zal dit over het algemeen kunnen worden aangenomen, maar bij het enkele tonen van de afbeelding aan één persoon zal hier niet onder alle omstandigheden sprake van zijn (Kamerstukken II 2018-2019, 35 080, nr. 7, p. 11).

Verdachte heeft verklaard dat hij in zijn eentje naar de TC is gegaan. De TC ligt op de route van het CAF naar de rookruimte. Hij heeft de deur van de TC open gelaten en de lichten aangedaan. Hij heeft verklaard dat het op dat tijdstip niet gebruikelijk was dat de TC verlicht was en de deur open stond. ’s Avonds laat heeft in principe niemand iets te zoeken in de TC. Op een gegeven moment stonden er een stuk of tien of twaalf mensen achter hem terwijl hij achter het scherm zat en de beelden zichtbaar waren. Hij hoorde ze praten en lachen en hij heeft ook achterom gekeken. Op een gegeven moment heeft hij de TC weer verlaten.

Getuige [getuige 2] heeft verklaard dat hij geschreeuw en gelach uit de TC hoorde komen. Hij zag een groep mensen staan om de positie NBC, waar hij zag dat de camerabeelden van de NDGK open stonden. Op de camerabeelden zag hij medeverdachte [medeverdachte] en [aangever] . Hij hoorde iemand zeggen: ‘Hij gaat het doen, hij gaat het doen’. De TC ligt op de route van het CAF naar de wc.

Getuige [getuige 5] heeft verklaard dat hij samen met verdachte [verdachte] en een paar andere matrozen naar de TC is gegaan, omdat [verdachte] vermoedde wat medeverdachte [medeverdachte] van plan was, te weten het verrichten van seksuele handelingen. [verdachte] had namelijk tegen getuige [getuige 5] gezegd dat [medeverdachte] er met een dame vandoor ging. Daar kwam het grapje naar boven dat medeverdachte [medeverdachte] altijd wilde maken, namelijk seks hebben met een dame en dat je via de CCTV kon meekijken. Ze zijn samen door de camera’s heen gegaan.

De militaire kamer constateert dat de TC op de looproute van het CAF naar zowel de wc als de rookplek ligt. Door de deur van de TC open te laten en het licht aan te doen, ontstond er een aanmerkelijke kans dat andere mensen nieuwsgierig zouden worden en een kijkje zouden nemen, waardoor de livestream openbaar zou worden gemaakt, zeker toen er op een gegeven moment meerdere mensen in de TC waren en lawaai maakten. Verdachte heeft die kans bewust aanvaard door de deur van de TC niet dicht te doen en de verlichting aan te laten. Daarnaast heeft verdachte, op het moment dat hij hoorde en zag dat er meerdere mensen met hem meekeken op het scherm, niet ingegrepen. Integendeel, hij heeft de situatie laten voortduren.

Verdachte heeft verder verklaard dat hij met zijn telefoon een foto heeft gemaakt van de camerabeelden, waarop medeverdachte [medeverdachte] en [aangever] te zien waren. Hij heeft deze foto laten zien aan medeverdachte [medeverdachte] . Daarmee heeft hij deze foto openbaar gemaakt.

Getuige [getuige 1] heeft verklaard dat verdachte [verdachte] haar een filmpje liet zien op Snapchat, waarop ze zag dat medeverdachte [medeverdachte] en [aangever] seks hadden. Verdachte heeft verklaard dat [getuige 1] naast medeverdachte [medeverdachte] stond.

Zelfs als de militaire kamer het standpunt van verdachte – dat hij dit filmpje niet aan getuige [getuige 1] heeft getoond, maar enkel wilde laten zien aan medeverdachte [medeverdachte] – zou volgen, neemt dat nog niet weg dat verdachte, door het tonen van dit filmpje aan [medeverdachte] terwijl [getuige 1] daarbij stond, bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat [getuige 1] dit filmpje ook zou zien.

Het verweer van verdachte dat hij geen filmpje heeft gemaakt maar enkel een foto acht de militaire kamer niet aannemelijk geworden. Hiertoe verwijst de militaire kamer naar de verklaring van getuige [getuige 1] , waarin zij verklaard dat zij “een filmpje” heeft gezien, dat zij “een kort stuk zag dat gefilmd was in de TC” dat ze het “zag voor een fractie van twee seconden” en dat het [verdachte] was die het haar liet zien. Daarnaast verwijst de militaire kamer naar de verklaring van [getuige 3] . Hij heeft verklaard dat [verdachte] tegen hem gezegd heeft dat hij met zijn telefoon een opname heeft gemaakt van de camerabeelden. De ter terechtzitting afgelegde verklaring van verdachte dat hij met deze ‘opname’ een foto bedoelde, schuift de militaire kamer terzijde. Weliswaar kan hiermee taalkundig gezien zowel een foto als een filmpje worden bedoeld, echter gelet op de verklaring van [getuige 1] acht de militaire kamer het meer aannemelijk geworden dat er door verdachte een filmpje van de camerabeelden is gemaakt.

De militaire kamer stelt vast dat zij hiervoor, onder de overwegingen ten aanzien van het vervaardigen, reeds heeft geoordeeld dat verdachte een printscreen heeft gemaakt van de camerabeelden waarop te zien was dat medeverdachte [medeverdachte] en [aangever] seks hadden. Deze printscreen heeft hij laten liggen in een ruimte die voor iedereen aan boord toegankelijk was en waar op dat moment tien tot twaalf mensen aanwezig waren. Vervolgens is hij weg gegaan, maar heeft hij kennelijk de printscreen laten liggen. Hierdoor bestond er een aanmerkelijke kans dat iemand anders de printscreen zou vinden. Toch heeft verdachte niets gedaan, zoals de printscreen verscheuren, maar hij is gewoon weggegaan. Daarmee heeft hij die aanmerkelijke kans ook bewust aanvaard. Bovendien heeft die kans zich ook verwezenlijkt, want de printscreen is gevonden door Sergeant [naam] .

Daarmee heeft verdachte een livestream en/of live-video, een video, een foto en een printscreen openbaar gemaakt, waarop te zien was dat medeverdachte [medeverdachte] en [aangever] seks hadden.

Verdachte wist dat dit materiaal opzettelijk en wederrechtelijk was vervaardigd, gelet op het hiervoor overwogene, hij was zelf betrokken bij het vervaardigen.

Daarmee komt de militaire kamer tot een bewezenverklaring van het onder 2 tenlastegelegde.

De militaire kamer is van oordeel dat er geen sprake is van een nauwe en bewuste samenwerking tussen beide verdachten, omdat uit het procesdossier niet blijkt dat medeverdachte [medeverdachte] wist dat iemand anders dan verdachte [verdachte] de camerabeelden zou bekijken. In zoverre spreekt de militaire kamer verdachte vrij.

3. De bewezenverklaring

Naar het oordeel van de militaire kamer is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:

1.hij, meermalen, althans eenmaal, op of omstreeks 13 mei 2025 in de gemeente Den Helder, aan boord van het marineschip [naam] , tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen opzettelijk en wederrechtelijk van een persoon, te weten [aangever] één of meer visuele weergave(n) van seksuele aard, te weten een livestream en/of een live-video en/of video’s en/of foto’s en/of printscreens, waarop te zien was dat die [aangever] en (mede)verdachte (zelf) seks hebben, heeft/hebben vervaardigd

en

hij, meermalen, althans eenmaal, op of omstreeks 13 mei 2025 in de gemeente Den Helder, aan boord van het marineschip [naam] , tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen opzettelijk en wederrechtelijk van een persoon, te weten [aangever] één of meer visuele weergave(n) van seksuele aard, te weten een livestream en/of een live-video en/of video’s en/of foto’s en/of printscreens, waarop te zien was dat die [aangever] en (mede)verdachte (zelf) seks hebben, heeft/hebben vervaardigd;

2.

hij, meermalen, althans eenmaal, op of omstreeks 13 mei 2025 in de gemeente Den Helder, aan boord van het marineschip [naam] , tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen één of meer visuele weergave(n) van seksuele aard, te weten een livestream en/of een live-video en/of video’s en/of foto’s en/of printscreens van een persoon, teweten [aangever] , waarop te zien was dat die [aangever] en (mede)verdachte (zelf) seks hebben, openbaar heeft/hebben gemaakt, terwijl verdachte en/of zijn medeverdachte wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat deze opzettelijk en wederrechtelijk was/waren vervaardigd en/of terwijl verdachte en/of zijn medeverdachte wist(en) dat die openbaarmakingnadelig voor die [aangever] kon zijn.

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.

Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.

Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4. De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

feit 1:

medeplegen van opzettelijk en wederrechtelijk van een persoon een visuele weergave van seksuele aard vervaardigen

en

opzettelijk en wederrechtelijk van een persoon een visuele weergave van seksuele aard vervaardigen;

feit 2:

openbaar maken van een visuele weergave van seksuele aard van een persoon, terwijl diegene weet dat deze door het opzettelijk en wederrechtelijk vervaardigen van een visuele weergave van seksuele aard van een persoon is verkregen.

5. De strafbaarheid van de feiten

De feiten zijn strafbaar.

6. De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7. De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot:

o De meldplicht en

o Een gedragsinterventie cognitieve vaardigheden.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft gepleit voor oplegging van een straf die binnen het VGB-beleid van Defensie blijft.

De beoordeling door de militaire kamer

De militaire kamer heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De militaire kamer heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.

De ernst van het feit

Verdachte heeft zich samen met zijn medeverdachte schuldig gemaakt aan het maken van een visuele weergave van seksuele aard. Hij keek mee via de camerabeelden in de TC terwijl medeverdachte [medeverdachte] seks had met het slachtoffer. Vervolgens heeft verdachte deze camerabeelden op verschillende manieren (via een filmpje, een foto en een printscreen) openbaar gemaakt. Uit het procesdossier blijkt dat meerdere mensen deze camerabeelden in de TC ook hebben gezien en hier opnames van hebben gemaakt. De zaak is als een lopend vuurtje rondgegaan op het schip. Daarmee is verdachte over de grenzen van het slachtoffer gegaan en heeft hij op ernstige wijze haar seksuele integriteit geschonden. De militaire kamer neemt het de verdachte zeer kwalijk dat hij met zijn handelen gelegenheid bood en vervolgens toeliet dat veel militairen mee konden kijken naar de camerabeelden en hiervan opnames konden maken. Er werd geschreeuwd en gelachen en op geen enkel moment is er door iemand ingegrepen. Dat verdachte deze situatie zag als een grapje en hier al eerder over heeft gesproken met medeverdachte vindt de militaire kamer verwerpelijk. De militaire kamer spreekt haar verbazing en zorg uit over het feit dat (blijkbaar) meerdere militairen de situatie, waarbij de seksuele integriteit van een vrouwelijke collega ernstig werd geschonden, als grappig beschouwden. Humor is hier geen onschuld, maar veeleer een machtsmiddel. Dat er die avond sprake was van fors alcoholgebruik onder de militairen is en mag op geen enkele wijze als excuus worden gebruikt voor de situatie.

Daar komt bij dat het slachtoffer ook militair is en het strafbare feit plaatsvond op een schip van Defensie, dus een werkplek. Juist bij haar collega-militairen had het slachtoffer veilig moeten zijn. Juist haar collega-militairen hadden haar moeten beschermen. Daarnaast heeft verdachte met zijn handelen Defensie in een zeer negatief daglicht geplaatst.

De persoon en persoonlijke omstandigheden van verdachte

Uit het strafblad van verdachte d.d. 10 juli 2026 blijkt dat hij niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke feiten.

Reclassering Nederland heeft op 27 mei 2026 een advies over verdachte uitgebracht. Volgens de reclassering heeft de groepsdynamiek onder collega’s, het impulsieve handelen van verdachte zonder na te denken over de gevolgen daarvan voor het slachtoffer en zijn alcoholgebruik bijgedragen aan de totstandkoming van het delict. De reclassering verwacht niet dat dit leidt tot recidive. Op de andere leefgebieden worden geen risicofactoren gesignaleerd. Defensie heeft hem als gevolg van onderhavige feiten tien maanden geschorst (overigens met doorbetaling van zijn volledige salaris). De reclassering vindt een gedragsinterventie cognitieve vaardigheden geïndiceerd.

De reclassering schat de risico’s op recidive, letsel en onttrekking aan voorwaarden in als laag en adviseert een straf zonder bijzondere voorwaarden.

Verdachte heeft als gevolg van dit feit een negatief ambtsbericht ontvangen. De militaire kamer houdt hier rekening mee bij de strafoplegging.

De strafoplegging

Alles afwegende is de militaire kamer van oordeel dat een stevig signaal nodig is om niet alleen naar verdachte, maar ook naar zijn collega-militairen, duidelijk te maken dat dit soort handelen, ongeacht de cultuur aan boord van een schip, absoluut niet wordt getolereerd. De militaire kamer vindt de eis van de officier van justitie fors, maar passend en geboden, gelet op de ernst van het feit en de langdurige gevolgen daarvan voor het slachtoffer.

Daarom zal de militaire kamer hem veroordelen tot een taakstraf van 160 uur, subsidiair 80 dagen hechtenis, en een voorwaardelijke militaire detentie van 2 maanden met de standaardproeftijd van 3 jaar en als bijzondere voorwaarden de meldplicht en een gedragsinterventie cognitieve vaardigheden.

De militaire kamer ziet onvoldoende aanleiding om een contact- en locatieverbod ten aanzien van het slachtoffer op te leggen. Sinds onderhavig incident heeft verdachte geen contact met haar gehad of gezocht. Bovendien zijn er binnen Defensie afspraken gemaakt waardoor verdachte en het slachtoffer elkaar niet op hetzelfde schip tegen zullen komen.

8. De beoordeling van de civiele vordering

De benadeelde partij [aangever] heeft in verband met feiten 1 en 2 een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert € 9.791,96 aan materiële schade, € 5.000,- aan smartengeld, en € 4.500,- toekomstige schade, telkens vermeerderd met de wettelijke rente. Verder is om oplegging van de schadevergoedingsmaatregel verzocht.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij kan worden toegewezen tot een bedrag van € 7.791,96 aan materiële schade en € 3.500,- aan immateriële schade, met toekenning van de wettelijke rente, en vordert oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Voor het overige deel aan materiële schade en smartengeld heeft de officier van justitie verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in de vordering te verklaren.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft ten aanzien van de materiële schade aangevoerd dat de benadeelde partij niet ontvankelijk moet worden verklaard in dit deel van de vordering, omdat de onderbouwing van het verband tussen het tenlastegelegde incident en misgelopen vaartoelage en havenvergoeding ontbreekt. Ten aanzien van de immateriële schade heeft de verdediging de militaire kamer verzocht om gebruik te maken van haar schattingsbevoegdheid, omdat het door de officier van justitie geëiste bedrag te hoog is.

De boordeling door de militaire kamer

Materiële schade

Uit het onderzoek ter terechtzitting is voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het bewezen verklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden.

Uit de administratie en het e-mailbericht met betrekking tot de ziekmelding van de benadeelde partij volgt dat zij niet kon varen. De vaartoeslag is een wezenlijk onderdeel van het salaris van een matroos. Daarom wijst de militaire kamer deze kosten toe.

Voor deze schade is verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk.

Daarom is de militaire kamer van oordeel dat de vordering voor wat betreft de vaartoeslag tot een hoogte van € 7.609,96 kan worden toegewezen.

De militaire kamer zal de benadeelde partij voor het overige niet ontvankelijk verklaren in de vordering. De havenvergoeding betreft naar het oordeel van de militaire kamer geen rechtstreekse schade die door de benadeelde partij is geleden, omdat zij hiervoor geen kosten heeft gemaakt. Ook de gevorderde toekomstige schade komt niet voor vergoeding in aanmerking.

Smartengeld

Op basis van de genoemde bewijsmiddelen en wat ter zitting over de vordering is besproken, stelt de militaire kamer vast dat de benadeelde partij door het bewezenverklaarde schade heeft geleden die binnen één van de categorieën van artikel 6:106 van het Burgerlijk Wetboek valt.

Door feiten 1 en 2 is de benadeelde op andere wijze in de persoon aangetast. Verdachte heeft immers een dusdanig ernstige inbreuk gemaakt op haar seksuele integriteit en privacy dat dit, gelet op de bijzondere ernst van de normschending en de gevolgen daarvan voor het slachtoffer, in zichzelf als een aantasting van de persoon op andere wijze moet worden beschouwd. Dit is aan verdachte toe te rekenen. De militaire kamer houdt rekening met de aard en de ernst van het feit en de bedragen die Nederlandse rechters in vergelijkbare gevallen toewijzen. Naar maatstaven van billijkheid zal zij het smartengeld op een bedrag van € 3.500,- vaststellen. Daarbij houdt zij rekening met het eerdere verhaal over een vergelijkbaar incident dat nog steeds op [naam] rondgaat, waardoor te verwachten is dat de benadeelde partij nog een lange tijd aan dit incident zal worden herinnerd.

De militaire kamer zal de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk verklaren in de vordering.

Wettelijke rente

Verdachte is vanaf 13 mei 2025 wettelijke rente over het toegewezen bedrag verschuldigd.

Schadevergoedingsmaatregel

De militaire kamer ziet aanleiding om op grond van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte op te leggen. Verdachte wordt verplicht het aan de benadeelde partij toegewezen bedrag aan de Staat te betalen. Eventueel toegekende proceskosten zijn daar niet bij inbegrepen.

Hoofdelijkheid

De militaire kamer overweegt dat verdachte en zijn medeverdachte ieder voor het hele schadebedrag (hoofdelijk) kunnen worden aangesproken. Verdachte hoeft niet meer te betalen indien en voor zover zijn medeverdachte de schade heeft vergoed.

9. De toegepaste wettelijke bepalingen

De oplegging van de straf en/of maatregel is gegrond op de artikelen:

- 9, 14 a, 14b, 14c, 22c, 22d, 36f, 47, 67 en 254ba van het Wetboek van Strafrecht en

- 6, 11 en 140 van het Wetboek van Militair Strafrecht.

10. De beslissing

De militaire kamer:

 verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;

 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;

 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;

 legt op een taakstraf van 160 uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 80 dagen;

 legt op een militaire detentie voor de duur van 2 maanden;

 stelt als bijzondere voorwaarden dat:

- verdachte zich gedurende de proeftijd meldt op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt. De reclassering bepaalt op welke dagen en tijdstippen deze afspraken zijn. De reclassering zal contact met verdachte opnemen voor de eerste afspraak;

- verdachte binnen de proeftijd deelneemt aan de gedragsinterventie CoVa-training van de reclassering of aan een andere gedragstraining die gericht is op cognitieve vaardigheden, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de training nodig vindt. Verdachte houdt zich aan de afspraken en aanwijzingen van de trainer;

geeft opdracht aan de reclassering om toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden.

Hierbij gelden als voorwaarden dat verdachte:

 veroordeelt verdachte in verband met het feit onder nummer 1 tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [aangever] van € 7.609,96 aan materiële schade en € 3.500,- aan smartengeld, telkens vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 13 mei 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald);

 veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;

 verklaart de benadeelde partij [aangever] voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering tot materiële schade en tot smartengeld;

 bepaalt dat als de medeverdachte (een deel van) het schadebedrag betaalt dat bedrag op de betalingsverplichting van verdachte in mindering wordt gebracht.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand