ECLI:NL:RBGEL:2026:7580

ECLI:NL:RBGEL:2026:7580

Instantie Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak 05-10-2026
Datum publicatie 01-10-2026
Zaaknummer ARN 24/8526
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Arnhem

Samenvatting

WIA. Mate van arbeidsongeschiktheid. Geen aanleiding om te twijfelen aan de medische beoordeling. Functies geschikt. Beroep ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 5 oktober 2026

[eiser] , uit [woonplaats] , eiser

Samenvatting

Zittingsplaats Arnhem

Bestuursrecht

zaaknummer: ARN 24/8526

in de zaak tussen

(gemachtigde: mr. M.I. Bal),

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, het UWV

(gemachtigde: [gemachtigde] ).

1. Deze uitspraak gaat over de toekenning van een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA) aan eiser, naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 38,46%. Eiser is het niet eens met deze mate van arbeidsongeschiktheid. Hij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank of het UWV terecht de mate van arbeidsongeschiktheid van eiser heeft bepaald op 38,46%.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat het UWV dit terecht heeft bepaald. Eiser krijgt daarom geen gelijk en het beroep is ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Het UWV heeft de WIA-uitkering, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 38,46%, met ingang van 13 november 2023 aan eiser toegekend. Dit is gebeurd bij besluit van 28 mei 2024. Met het bestreden besluit van 15 oktober 2024 op het bezwaar van eiser is het UWV bij dit besluit gebleven.

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.

Het UWV heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift. Eiser heeft een nadere reactie ingebracht, waar door de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep (b&b) op is gereageerd.

De rechtbank heeft het beroep op 3 september 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: mr. A. Bal, waarnemend voor de gemachtigde van eiser en de gemachtigde van het UWV.

Beoordeling door de rechtbank

Totstandkoming van het bestreden besluit

3. Eiser heeft voor het laatst gewerkt als vrachtwagenchauffeur tot en met 24 oktober 2021 voor gemiddeld 39,77 uur per week. Met ingang van 25 oktober 2021 is aan hem een uitkering op grond van de Werkloosheidswet (WW) toegekend. Op 15 november 2021 heeft hij zich ziek gemeld vanwege klachten aan zijn armen. Aan hem is ziekengeld op grond van de Ziektewet (ZW) toegekend. Later kwamen er psychische klachten bij. Op 12 september 2023 heeft hij een WIA-aanvraag gedaan.

Het UWV heeft aan eiser met ingang van 13 november 2023 (de datum in geding) een WIA-uitkering toegekend, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 38,46%. Dit is gebaseerd op medische en arbeidsdeskundige onderzoeken.

De medische beoordeling

4. Eiser voert aan dat hij meer beperkt is dan door de (verzekerings)artsen is aangenomen. Er hadden ruimere beperkingen moeten worden aangenomen voor lopen, staan en zitten vanwege eisers klachten in knieën, rug en heupen. Hij kan daardoor niet lang staan, lopen en zitten. Ook moet sprake zijn van afwisseling in houding.

De rechtbank is van oordeel dat de (verzekerings)artsen op overtuigende wijze hebben toegelicht in hoeverre eiser belast kan worden met werk. De (verzekerings)artsen hebben hun conclusies gebaseerd op de klachten van eiser, waaronder de knie- en rugklachten, op zijn dagverhaal, op hun eigen bevindingen uit lichamelijk en psychisch onderzoek en op de eerdere dossiergegevens waaronder medische informatie van de behandelaars. Er is geen aanleiding om aan de medische conclusies te twijfelen. Er zijn in verband met de knie- en rugklachten van eiser beperkingen aangenomen, onder meer voor (trap)lopen en langdurig staan. Dat er daarvoor ruimere beperkingen aangenomen hadden moeten worden of dat er daarnaast meer beperkingen aangenomen hadden moeten worden in verband met heupklachten of voor zitten en afwisseling in houding wordt niet onderbouwd door medische informatie.

Dat eiser zich niet herkent in de conclusies van de (verzekerings)artsen maakt het oordeel niet anders. Hoewel de rechtbank begrip heeft voor de beleving van eiser van zijn klachten, betekent het hebben van klachten nog niet dat er ook (ernstigere) beperkingen voor arbeid moeten worden aangenomen in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) van 7 oktober 2024. De beleving van klachten is volgens vaste rechtspraak namelijk niet beslissend bij de beantwoording van de vraag welke beperkingen bij eiser zijn vast te stellen. Alleen de medisch te objectiveren beperkingen zijn daarbij van belang.

Eiser moet op de datum in geding daarom in staat worden geacht arbeid te verrichten die past bij de voor hem vastgestelde medische belastbaarheid, zoals verwoord in de FML.

De arbeidsdeskundige beoordeling

5. Eiser voert aan dat hij niet in staat is de geduide functies uit te oefenen. Op wat hij daartoe aanvoert, gaat de rechtbank hierna per functie in.

Productiemedewerker industrie (samenstellen van producten) (SBC-code 111180)

Eiser is aangewezen op een rustige en prikkelarme werkomgeving waarbij hectiek zoveel mogelijk moet worden vermeden. Volgens de toelichting in het CBBS bij dit item 1.8.1 gaat het om werksituaties waarin anderen bij de uitvoering van hun taken of anderszins een potentiële bron van afleiding van de aandacht zijn voor de cliënt. De afleidende prikkels kunnen zowel auditief als visueel van aard zijn. De werkplek in deze functie is echter zowel visueel als auditief onrustig. Er wordt namelijk gewerkt op een werkplaats waar de radio de hele dag aanstaat en er lopen collega’s langs om te gaan roken. Bij dit item 1.8.1 is in het resultaat functiebeoordeling (rfb) ook een kenmerkende belasting aangegeven in verband met deze omstandigheden. Verder moet eiser werken in een ruime bedrijfshal naast een transportband, waarvan algemeen bekend is dat die veel geluid maakt, naar een soldeerband in de nabijheid van vier tot zes collega’s. De arbeidsdeskundige b&b wijst erop dat er geen sprake is van verstoringen, onderbrekingen etcetera maar dat ziet op een ander item. Ook moet in deze functie jaarlijks een training gevolgd worden, terwijl eiser de Nederlandse taal matig begrijpt en van hem niet verwacht kan worden dat hij een eindtoets maakt.

De rechtbank stelt vast dat eiser op item 1.8.1, inhoudende dat de cliënt is aangewezen op werk waarbij hij niet of nauwelijks wordt afgeleid door activiteiten van anderen, beperkt is geacht in die zin dat er niet te veel hectiek moet zijn op de werkplek.

Naar het oordeel van de rechtbank heeft de arbeidsdeskundige b&b in zijn rapport

en het resultaat functiebeoordeling (rfb) van 10 oktober 2024 en in zijn nadere rapportage van 19 augustus 2026 gemotiveerd toegelicht dat er op de werkplek geen sprake is van te veel hectiek. Een radio die aanstaat of een collega die een keer langsloopt maakt niet dat er (te veel) hectiek is. Van intensieve samenwerking is ook geen sprake. De arbeidsdeskundige b&b heeft zorgvuldig toegelicht dat in deze functie juist geconcentreerd gewerkt moet worden, omdat het gaat om precisiewerk en dat niet past bij een hectische werkplek. Er wordt dan ook voornamelijk alleen gewerkt met vier tot zes collega’s in de nabijheid. Verder heeft hij navraag gedaan bij de arbeidsdeskundig analist, waaruit naar voren is gekomen dat de medewerkers zoveel mogelijk worden geacht om tijdens de pauzes te roken en er rond de werkplek voldoende ruimte is om zo nodig een afscheiding te realiseren. Ten aanzien van de transportband heeft de arbeidsdeskundige b&b zorgvuldig toegelicht dat geluid geen kenmerkende belasting is in de functie en de transportband ook geen auditieve afleiding geeft onder het item ‘afleiding door anderen’, omdat er met kwetsbare printplaten wordt gewerkt die rustig en voorzichtig worden verplaatst door een transportband. Dat de arbeidsdeskundige b&b ook nog heeft gewezen op de omstandigheid dat er in de functie geen sprake is van storingen en onderbrekingen etcetera, wat ziet op het item 1.8.3, doet aan het voorgaande niet af. Ook zonder deze opmerking voldeed zijn motivering namelijk.

Wat eiser heeft aangevoerd over de training is (ook) een herhaling van wat hij in bezwaar heeft aangevoerd. De arbeidsdeskundige b&b heeft in zijn rapport van 10 oktober 2024 al gemotiveerd aangegeven dat eiser in staat wordt geacht de training te volgen en de eindtoets te maken. De arbeidsdeskundige b&b heeft hierover de arbeidsdeskundig analist geraadpleegd, die heeft aangegeven dat het gaat om een korte E-learning van tien minuten en als eindtoets een praktijkopdracht. De arbeidsdeskundige heeft gemotiveerd toegelicht dat als de E-learning niet met hulp van een collega, leidinggevende of Google Translate kan worden afgerond, ook een tolk kan worden ingeschakeld. De enkele herhaling van eisers standpunt in beroep geeft de rechtbank geen aanleiding om aan deze conclusies van de arbeidsdeskundige b&b te twijfelen.

Assemblagemedewerker Elektrotechnische Producten (SBC-code 267041)

Ook in deze functie is volgens eiser sprake van hectiek want er is sprake van afleiding, omdat er gewerkt wordt in een productiehal met afleiding door achtergrondgeluid van een radio en pneumatische schroevendraaier. Ook wordt er met elf collega’s gewerkt aan een productielijn in de nabijheid van een rollenbaan. Aannemelijk is dat de rollenbaan gedurende de werkdag veelvuldig in gebruik is en dat het gebruik machinale omgevingsgeluiden met zich brengt. Daar komt bij dat de functie voor 20% bestaat uit het testen en inpakken van koude- en warmedrankenapparaten wat ook gepaard kan gaan met geluiden en andere omgevingsprikkels. Daarnaast is eiser beperkt in samenwerken in die zin dat hij met een eigen, van te voren afgebakende, deeltaak kan werken met anderen, terwijl in deze functie sprake is van overleg met collega’s over werkverdeling of afstemming bij stagnatie in de aanlevering van onderdelen. Eiser begrijpt niet hoe hij overleg moet hebben met een collega over de taakverdeling als die al vooraf afgebakend zou moeten zijn. De combinatie van meerdere collega’s in de directe werkomgeving, het gebruik van een rollenbaan en het testen van apparaten maakt dat geen sprake is van een rustige en prikkelarme werkomgeving. Verder moeten in de functie schroefbewegingen worden gemaakt terwijl eiser niet in staat is om langdurig krachtige schroefbewegingen te maken. Niet duidelijk is wat exact wordt verstaan met langdurig en krachtig.

Naar het oordeel van de rechtbank heeft de arbeidsdeskundige b&b in zijn rapport en in het rfb van 10 oktober 2024 en in zijn nadere rapportage van 19 augustus 2026 gemotiveerd toegelicht dat er geen sprake is van te veel hectiek op de werkplek. De functie is stressarm van aard en er wordt gewerkt in een ruime rustige productiehal met daglicht en kunstlicht en achtergrondmuziek. Een radio die aanstaat of een keer een pneumatische schroevendraaier die ratelt, maakt niet dat er (te veel) hectiek is op de werkplek. Dat er met elf collega’s wordt gewerkt aan een productielijn betekent naar het oordeel van de rechtbank ook niet dat sprake is van te veel hectiek op de werkplek. De arbeidsdeskundige b&b heeft goed toegelicht dat geluid geen kenmerkende belasting is in de functie en de transportband ook geen auditieve afleiding geeft onder het item ‘afleiding door anderen’. Dit geldt ook voor het testen van apparaten en de collega’s aan de productielijn. Wat eiser heeft aangevoerd over het samenwerken slaagt ook niet. Op dit item (2.9) is geen signalering naar voren gekomen. Eiser is in staat geacht om samen te werken met een eigen afgebakende deeltaak en in de functie wordt gewerkt aan een eigen station en een productielijn maar is soms sprake van basaal overleg met een collega over de werkverdeling of afstamming bij stagnatie in de aanlevering van onderdelen. Dat valt binnen de gestelde beperking. De arbeidsdeskundige b&b heeft ook in de rfb gemotiveerd dat een stukje indraaien van een schroef niet gepaard gaat met langdurige kracht. Dit acht de rechtbank voldoende, nu uit de toelichting van de arbeidsdeskundig analist bij dit item (4.6.1) blijkt dat de schroeven eerst een stukje ingedraaid moeten worden en daarna machinaal vastgeschroefd worden.

Medewerker logistiek (SBC-code 111220)

Eiser voert aan dat ook in deze functie sprake is van drukte en dus veel afleiding door anderen. Er zijn zowel visuele als auditieve prikkels. Eiser moet in de nabijheid van collega’s werken en heeft een reachtruck in zicht. Dat zijn te veel prikkels voor hem, terwijl hij snel raakt afgeleid door prikkels. Ook is hij beperkt in samenwerken, terwijl hij in deze functie deel uitmaakt van een groep van vijf personen die samen alle lesverzendingen verzorgen.

Naar het oordeel van de rechtbank heeft de arbeidsdeskundige b&b in zijn rapport en in het rfb van 10 oktober 2024 gemotiveerd toegelicht dat er geen sprake is van een overschrijding op het item 1.8.1. De arbeidsdeskundige b&b heeft gemotiveerd toegelicht dat van (te) veel hectiek op de werkplek geen sprake is. De functionaris maakt deel uit van een groep van vijf personen die samen alle lesverzendingen verzorgen, waarbij geen sprake is van verstoringen, onderbrekingen, deadlines, pieken of een hoog tempo. Dat er een radio aanstaat of een keer een collega langsloopt maakt niet dat er (te veel) hectiek is op de werkplek. Dat men in een aangrenzend magazijn een reachtruck kan zien rijden, heeft geen betrekking op de eigen werkplek. Wat eiser heeft aangevoerd over het samenwerken slaagt ook niet. Op dit item (2.9) is geen signalering naar voren gekomen. Eiser is in staat geacht om samen te werken met een eigen afgebakende deeltaak. Dat eiser deel uitmaakt van een groep van vijf personen die samen alle lesverzendingen zorgen betekent niet dat er meer moet worden samengewerkt dan waartoe hij beperkt is geacht.

Overige functies

Eiser heeft ook gronden aangevoerd tegen de overige geduide functies. Deze functies zijn echter niet aan de schatting ten grondslag gelegd. Deze gronden behoeven dan ook geen bespreking.

Conclusie en gevolgen

6. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat het UWV terecht de mate van arbeidsongeschiktheid van eiser heeft bepaald op 38,46%. Eiser krijgt daarom het griffierecht niet terug. Hij krijgt ook geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.A. van Schagen, rechter, in aanwezigheid van mr. N. ter Horst, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 5 oktober 2026

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.

Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand