ECLI:NL:RBDHA:2026:29296

ECLI:NL:RBDHA:2026:29296

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 03-09-2026
Datum publicatie 04-10-2026
Zaaknummer C/09/706015 / FA RK 26-5317
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Voorlopige voorzieningen. Toevertrouwing kind aan vrouw. Afwijzing verzoek kinderalimentatie, omdat man in voorlopige hechtenis zit en nu geen inkomen genereert.

Uitspraak

Voorlopige voorzieningen

Beschikking op het op 28 mei 2026 ingekomen verzoek van:

[de vrouw],

de vrouw,

wonende op een voor de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. E.A. Hoogendijk te Rotterdam.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de man],

de man,

wonende op een voor de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. H. Sazoglu te Den Haag.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:

 het verzoekschrift van 28 mei 2026, met bijlagen, namens de vrouw;

 het verweerschrift van 13 augustus 2026, met bijlagen, namens de man.

Op 20 augustus 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de vrouw (digitaal aanwezig) met haar advocaat, de man met zijn advocaat en [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad).

Feiten

 De vrouw en de man zijn met elkaar gehuwd op [datum] 2019 in [land].

 Zij zijn de ouders van de minderjarige [minderjarige], geboren op

[geboortedatum] 2020 in [geboorteplaats], [geboorteland].

 De ouders oefenen het gezamenlijk gezag over [minderjarige] uit.

 De vrouw heeft de Macedonische nationaliteit en de man en [minderjarige] hebben de Nederlandse nationaliteit.

 De vrouw heeft een echtscheidingsverzoek ingediend, bekend onder zaak- en rekestnummer C/09/702079 / FA RK 26-2935.

 Bij beschikking van deze rechtbank van 28 april 2026 heeft de rechtbank:

 de man het recht op omgang ontzegd met [minderjarige];

 bepaald dat aan de man geen enkele informatie wordt verstrekt die betrekking heeft op [minderjarige], waaruit haar verblijfplaats, adresgegevens of andere locatiegegevens kunnen worden afgeleid, en dat derden, waaronder maar niet beperkt tot de school, buitenschoolse opvang, medische instanties, hulpverleners, Veilig Thuis en de opvang, evenmin enige informatie over [minderjarige] aan de man mogen verstrekken die direct of indirect inzicht geeft in de verblijfplaats, adresgegevens of andere locatiegegevens van [minderjarige], totdat de veiligheidsrisico’s zijn beoordeeld en de veiligheid van de vrouw en [minderjarige] kan worden gewaarborgd;

 bepaald dat de vrouw – met tussenkomst van haar advocaat of hulpverlening – de man eenmaal per maand zal informeren over hoe het met [minderjarige] gaat.

Daarnaast is de Raad voor de Kinderbescherming verzocht een onderzoek te verrichten en te rapporteren en advies uit te brengen in de echtscheidingsprocedure met kenmerk C/09/702079 / FA RK 26-2935. De Raad moet na onderzoek antwoord proberen te geven op de volgende vragen:

1. welke gezagssituatie is het meest in het belang van [minderjarige]?

2. is omgang met haar vader in het belang van [minderjarige], en zo ja, op welke wijze kan er veilig omgang tussen [minderjarige] en haar vader plaatsvinden?

3. is verdere hulpverlening voor de ouders en/of [minderjarige] noodzakelijk, en zo ja,

welke?

 De man bevindt zich momenteel in voorlopige hechtenis.

 De vrouw bevindt zich momenteel met [minderjarige] in een vrouwenopvang.

Verzoek en verweer

Het verzoek van de vrouw strekt ertoe dat:

 [minderjarige] aan de vrouw wordt toevertrouwd;

 een door de man aan de vrouw te betalen voorlopige kinderalimentatie van € 764,- per maand wordt vastgesteld, met ingang van de datum van indiening van het verzoekschrift, telkens bij vooruitbetaling te voldoen,

een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.

De man voert verweer tegen de verzochte voorlopige kinderalimentatie, welk verweer hierna – voor zover nodig – zal worden besproken.

Beoordeling

Rechtsmacht en toepasselijk recht

De Nederlandse rechter heeft rechtsmacht in deze voorlopige voorzieningenprocedure. De rechtbank past in deze voorlopige voorzieningenprocedure Nederlands recht toe.

Toevertrouwing [minderjarige]

De ouders zijn het erover eens dat [minderjarige] aan de vrouw wordt toevertrouwd. De rechtbank zal dit verzoek van de vrouw toewijzen, omdat zij dat ook in het belang van [minderjarige] acht. Daarbij overweegt de rechtbank ook dat de man op dit moment niet in staat is om de dagelijkse zorg voor [minderjarige] te dragen, omdat hij zich in voorlopige hechtenis bevindt.

Verder overweegt de rechtbank (ten overvloede) dat het in dit geval van belang is dat het bij beschikking van deze rechtbank van 28 april 2026 verzochte raadsonderzoek door de Raad in Den Haag wordt uitgevoerd. Dit in verband met de geheimhouding van het woongebied van de vrouw en [minderjarige] en het gegeven dat de zitting in de echtscheidingsprocedure – waarin het raadsrapport zal worden besproken – bij de rechtbank in Den Haag zal plaatsvinden.

Voorlopige kinderalimentatie

De vrouw stelt zich op het standpunt dat in 2025 het netto besteedbaar inkomen van de man € 4.456,- per maand en van de vrouw € 1.064,- per maand bedroeg. De behoefte van [minderjarige] bedraagt hierdoor € 748,- per maand in 2025 en geïndexeerd naar 2026 € 782,- per maand. De man heeft hiertegen geen verweer gevoerd. De rechtbank gaat daarom uit van de door de vrouw gestelde behoefte.

De vrouw en de man zijn het erover eens dat de man op dit moment geen draagkracht heeft, omdat hij zich in voorlopige hechtenis bevindt en zijn werkgever zijn dienstbetrekking daardoor tijdelijk heeft geschorst. De vrouw heeft op de zitting verzocht om een voorlopige kinderalimentatie vast te stellen met ingang van het moment dat de voorlopige hechtenis van de man wordt geschorst, omdat hij nog wel in dienst is en na zijn vrijlating weer inkomen zal genereren. De man heeft zich hiertegen verweerd en aangegeven dat het onzeker is hoe lang hij nog gedetineerd zal zijn, of hij na zijn vrijlating zijn werk kan hervatten en welk inkomen de vrouw op dat moment genereert.

De rechtbank overweegt dat op dit moment onvoldoende duidelijk is wanneer de man uit detentie komt en hoe de financiële situatie van de ouders er dan uit ziet. Het strafrechtelijk onderzoek is nog gaande, waardoor niet duidelijk is of de man zal worden veroordeeld en zo ja, wat de straf zal zijn. Mede daardoor is niet te voorzien of de man bij vrijlating nog een dienstverband heeft en welk inkomen de man op dat moment zal hebben. Ook is onduidelijk wat er met het dienstverband van de vrouw gaat gebeuren, gelet op haar verblijf in de opvang. De rechtbank is daarom niet in staat reeds nu, vooruitlopend op de beëindiging van de detentie van de man, een voorlopige kinderalimentatie vast te stellen.

Gelet op het voorgaande zal de rechtbank het verzoek van de vrouw wegens een gebrek aan draagkracht afwijzen.

Beslissing

De rechtbank:

*

bepaalt dat de minderjarige:

- [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2020 in [geboorteplaats], [geboorteland];

aan de vrouw zal worden toevertrouwd;

*

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

*

wijst af het meer of anders verzochte.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A. Emmens

Griffier

  • mr. M. Meijer

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand