ECLI:NL:RBDHA:2026:29179

ECLI:NL:RBDHA:2026:29179

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 06-05-2026
Datum publicatie 02-10-2026
Zaaknummer C/09/695024
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

informeel samenlevenden, verdeling woning, schenking, gebruiksvergoeding

Uitspraak

RECHTBANK Den Haag

Team Handel

Zaaknummer: C/09/695024 / HA ZA 25-1044

Vonnis van 6 mei 2026

in de zaak van

[de man] te [woonplaats],

eisende partij in conventie,

verwerende partij in reconventie,

hierna te noemen: de man,

advocaat: mr. J.D. Bakker,

tegen

[de vrouw] te [woonplaats],

gedaagde partij in conventie,

eisende partij in reconventie,

hierna te noemen: de vrouw,

advocaat: mr. S.C. Braun.

1. De procedure

Het procesdossier bestaat uit de volgende stukken:

- de dagvaarding van 21 november 2025, met producties 1 tot en met 5;

- de conclusie van antwoord, tevens eis in reconventie, met producties 1 tot en met 9;

- het tussenvonnis van 4 februari 2026, waarin een mondelinge behandeling is bevolen;

- de conclusie van antwoord in reconventie, met productie 7 tot en met 12;

- de brief van de vrouw van 17 maart 2026, met producties 10 tot en met 14;

- de nader ingediende productie 13 van de man.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 31 maart 2026. Tijdens de mondelinge behandeling hebben partijen hun standpunten toegelicht en vragen van de rechtbank beantwoord. De griffier heeft aantekeningen gemaakt.

2. De feiten

Partijen hebben een affectieve relatie gehad. Op 11 februari 2021 zijn zij, ieder voor de onverdeelde helft, eigenaar geworden van de woning gelegen aan de [adres] (“de woning”). Na aankoop van de woning zijn zij in de woning gaan samenwonen. Partijen hebben de aankoop van de woning gefinancierd met twee hypothecaire geldleningen bij Argenta van in totaal € 320.978 (€ 215.500 + € 105.478) onder hoofdelijke aansprakelijkheid van beiden en een schenking van de vader van de man van € 110.247. De man en zijn vader hebben deze schenking vastgelegd in een schriftelijke schenkingsovereenkomst van 24 november 2020. Deze overeenkomst bevat onder meer de volgende bepaling.

“1. De schenker heeft bij de schenking bepaald dat hetgeen geschonken is alsmede de vruchten daarvan valt buiten elke huwelijksvermogensgemeenschap, zowel de wettelijke als de contractuele, waarin de begiftigde is gehuwd of ooit huwen zal en buiten ieder verrekenbeding of deelgenootschap betrekking hebbende op of verband houdende met een huwelijk of een buitenechtelijke samenlevingsovereenkomst.”

Partijen hebben daarnaast een concept samenlevingsovereenkomst opgesteld, waarin zij het volgende hebben opgenomen:

“ Afspraken omtrent verkoop woning

Zie hiervoor Bijlage 3: Model verkoop scenario’s. [de man] en [de vrouw] hebben

besloten om samen een huis te kopen. Hierbij is een concessie gedaan met voorkeur type huis en kosten. [de man] heeft aangegeven om zijn schenking toe te passen voor een huis met een duurzamere toekomst (zelfstandige woning met meer oppervlakte, eigen voordeur etc.). Fluctuatie van de huiswaarde wordt doorgerekend op de eigen inbreng, om risico’s eerlijk te verdelen. De eventuele positieve- of negatieve restschuld wordt verdeeld over [de man] en [de vrouw]. Zie hiervoor de rekenmethode zoals in bijlage.”

Op [datum] 2023 hebben partijen samen een kind gekregen genaamd [minderjarige]. Partijen oefenen gezamenlijk het gezag uit over [minderjarige].

Op 20 juli 2025 hebben partijen hun relatie verbroken. De man heeft de woning verlaten en zijn intrek genomen in het huis van zijn ouders. De vrouw is met [minderjarige] in de woning blijven wonen. Naar aanleiding van een door de man opgestarte procedure inzake het gezag en een door partijen gevolgd mediationtraject, woont [minderjarige] inmiddels ook gedeeltelijk bij de man. De man is de helft van de lasten (rente en aflossing) uit hoofde van de hypothecaire leningen blijven betalen.

Partijen hebben de woning gezamenlijk laten taxeren. In dit taxatierapport van 16 september 2025 is de woning getaxeerd voor een bedrag van € 550.000 (“de taxatie”).

De schuld uit hoofde van de hypothecaire geldlening bedraagt € 279.008,97 per 4 januari 2026.

3. Het geschil

De vorderingen in conventie en in reconventie

De man vordert in conventie bij voor zover mogelijk bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, dat de rechtbank:

I. de wijze van verdeling van de eenvoudige gemeenschap bestaande uit de woning vaststelt door te bepalen dat:

a. de woning aan de man wordt toegedeeld tegen een waarde van € 550.000;

b. de kosten van de taxatie door beide partijen voor gelijke delen gedragen zullen worden;

c. de vrouw bij levering van de woning aan de man dient te worden ontslagen uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypothecaire lening;

d. de man de kosten van de levering voor zijn rekening dient te nemen;

e. de vrouw een vergoeding ontvangt gelijk aan de helft van het verschil tussen de getaxeerde waarde en de ten tijde van de levering openstaande hoofdsom, te verminderen met een bedrag van € 55.123,50 ter zake van de inbreng door de man van het aan hem door zijn vader geschonken bedrag;

f. indien en zodra de man niet in staat blijkt de voor de overname benodigde financiering te verkrijgen, de woning zal worden verkocht;

g. dat indien de vrouw niet binnen vijftien dagen na schriftelijk in gebreke te zijn gesteld meewerkt aan de taxatie en/of levering van de woning aan de man, dat het in deze te wijzen vonnis dezelfde kracht heeft als een in wettige vorm opgemaakte akte van gedaagde tot het verrichten van de voornoemde rechtshandelingen waartoe de vrouw ingevolge de uitspraak gehouden is;

II. de vrouw veroordeelt tot betaling van een vergoeding van € 187,34 per maand;

III. de vrouw veroordeelt in de proceskosten.

De man legt aan de vorderingen ten grondslag dat partijen ieder voor de onverdeelde helft eigenaar zijn van de woning en hij tot verdeling wenst over te gaan, waarbij toedeling aan hem gerechtvaardigd is. Met betrekking tot deze verdeling heeft hij recht op vergoeding door de vrouw van de helft van de schenking, nu partijen (stilzwijgend) zijn overeengekomen dat deze schenking bij een eventuele verdeling van de woning zou worden verrekend. Dit bedrag van € 55.123,50 dient daarom met de overbedelingsvordering van de vrouw op de man te worden verrekend. Subsidiair kan hij aanspraak maken op de helft van de schenking uit hoofde van onverschuldigde betaling en ongerechtvaardigde verrijking. Meer subsidiair beroept hij zich op de redelijkheid en billijkheid. Gelet het op het verblijf van de vrouw in de woning, is het volgens de man tot slot gerechtvaardigd dat de vrouw voor de resterende duur van haar verblijf een gebruiksvergoeding betaalt van € 187,34 per maand.

De vrouw concludeert tot afwijzing van de vorderingen in conventie, voert verweer en vordert in reconventie, bij voor zover mogelijk bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, dat de rechtbank:

I. de wijze van verdeling van de eenvoudige gemeenschap bestaande uit de woning vaststelt door te bepalen dat:

a. de woning aan de vrouw wordt toegedeeld tegen een waarde van € 550.000, waarbij zij de huidige hypotheek kan overnemen en waarbij de man veroordeeld wordt om bij de notariële levering alle bescheiden die de woning betreffen en die hij in zijn bezit heeft aan de vrouw over te dragen, waaronder financiële stukken, technische tekeningen en facturen/bonnen van bouwmaterialen etc. (zich bevindende in de “rode map");

b. de kosten van de taxatie door beide partijen voor gelijke delen gedragen worden;

c. de man bij levering van de woning aan de vrouw dient te worden ontslagen uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypothecaire lening bij Argenta met overeenkomstnummer [nummer];

d. de vrouw de kosten van de levering voor haar rekening neemt;

e. de man een vergoeding ontvangt gelijk aan de helft van het verschil tussen de getaxeerde waarde van € 550.000 en de ten tijde van levering openstaande hoofdsom van de hypothecaire geldlening bij Argenta;

f. indien en zodra de vrouw niet in staat blijkt de voor de overname benodigde financiering te verkrijgen, de woning zal worden toegedeeld aan de man, en als ook hij de financiering niet rond krijgt, de woning zal worden verkocht en de opbrengst na voldoening van de hypothecaire schuld en kosten tussen partijen bij helfte zal worden verdeeld;

g. dat indien de man niet binnen vijftien dagen na schriftelijk in gebreke te zijn gesteld meewerkt aan de levering van de woning aan de vrouw, het in deze te wijzen vonnis dezelfde kracht heeft als een in wettige vorm opgemaakte akte van de man tot het verrichten van de voornoemde rechtshandelingen waartoe de man ingevolge de uitspraak gehouden is.

II. veroordeling van de man in de proceskosten van € 7.500 p.m.

De vrouw legt aan de vordering ten grondslag dat zij meer belang heeft bij toedeling van de woning aan haar dan de man. De man dient daarnaast in de werkelijke proceskosten te worden veroordeeld omdat hij deze procedure nodeloos en lichtvaardig aanhangig heeft gemaakt, aldus de vrouw.

De man voert verweer dat strekt tot afwijzing van de vorderingen van de vrouw, met veroordeling van de vrouw in de kosten van deze procedure.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4. De beoordeling

De vorderingen in conventie en in reconventie zien op hetzelfde feitencomplex en zullen daarom gezamenlijk worden behandeld.

Verdeling van de woning

Partijen zijn het erover eens dat de woning moet worden verdeeld en dat daarbij de getaxeerde waarde moet worden aangehouden van € 550.000. Uit de vorderingen van partijen over en weer begrijpt de rechtbank dat partijen het er bovendien over eens zijn dat zij beiden de helft van de kosten van deze taxatie moeten dragen.

Beide partijen hebben aangegeven dat zij de woning willen en kunnen overnemen. Zoals tijdens de mondelinge behandeling besproken, hebben partijen ieder valide redenen om graag in de woning te blijven wonen. Zo wijst de man op de korte afstand van zijn woning tot de woning van zijn ouders en zijn werk als vrijwilliger bij de [organisatie], waarvoor hij op korte afstand tot het strand moet wonen. De vrouw op haar beurt wijst onder meer op het vangnet/sociale netwerk dat de directe woonomgeving haar en [minderjarige] biedt en het feit dat de man, anders dan zij, niet afhankelijk is van de woning voor zijn huisvesting gelet op het feit dat hij bij zijn ouders kan wonen. De man heeft verder nog aangevoerd dat de vrouw vanwege haar functie een zogenoemde sleutelpositie bekleedt waardoor zij voorrang zou genieten voor het verkrijgen van een woning, maar dit heeft de vrouw met overlegging van een brief van haar werkgever gemotiveerd betwist. Ook overigens is de rechtbank niet gebleken dat de vrouw gelet op haar hogere inkomen veel meer mogelijkheden heeft een andere woning te vinden dan de man, waarbij de rechtbank onder meer laat meewegen dat de vrouw de helft van de schenking aan hem zal moeten terugbetalen (zie hierna).

Vast staat dat de man op dit moment bij zijn ouders woont, waar hij een eigen verdieping met twee slaapkamers voor hem en [minderjarige] en een eigen badkamer ter beschikking heeft. Hoewel de man begrijpelijkerwijs een eigen woning wenst, heeft hij hiermee, anders dan de vrouw, wel direct een gedegen woonplek ter beschikking. De rechtbank is daarom oordeel dat het belang van de vrouw bij toedeling van de woning groter is dan dat van de man.

De rechtbank zal de woning daarom toedelen aan de vrouw. Indien de vrouw niet kan aantonen dat zij in staat is de volledige eigendom van de woning te financieren en de man kan laten ontslaan uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheekschuld, dient de woning (subsidiair) te worden toegedeeld aan de man. Indien de man vervolgens niet kan aantonen dat hij in staat is de volledige eigendom van de woning te financieren en de vrouw kan laten ontslaan uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheekschuld, moet de woning (meer subsidiair) worden verkocht aan een derde.

Partijen vorderen over en weer veroordeling van de ander op de voet van artikel 3:300 BW. Bij gebreke aan verweer op dit punt zal de rechtbank deze vordering toewijzen op de hierna in de beslissing te vermelden wijze.

Met betrekking tot de verdeling van de woning heeft de vrouw tot slot gevorderd dat de man ten tijde van de levering alle bescheiden die de woning betreffen en die hij in zijn bezit heeft aan de vrouw moet overdragen, waaronder financiële stukken, technische tekeningen en facturen/bonnen van bouwmaterialen (zich bevindende in de “rode map"). De man heeft hiertegen geen verweer gevoerd, zodat de rechtbank deze vordering in het kader van de vaststelling van de verdeling zal toewijzen.

De schenking

In het kader van de verdeling maakt de man aanspraak op een bedrag van

€ 55.123,50, namelijk de helft van het bedrag dat zijn vader ten behoeve van de aankoop van de woning aan hem heeft geschonken.

Partijen waren niet met elkaar getrouwd en hadden ook geen geregistreerd partnerschap. Dit betekent dat zij kwalificeren als “informeel samenlevenden”. De financiële relatie van informeel samenlevenden moet worden bepaald aan de hand van de regels van het algemeen verbintenissenrecht.

Naar het oordeel van de rechtbank brengen de redelijkheid en billijkheid met zich mee dat de man als gevolg van de inbreng van de schenking een vergoedingsrecht toekomt. Hiervoor is het volgende redengevend. Tussen partijen is niet in geschil dat de schenking als privé-investering van de man in de woning moet worden aangemerkt. In de concept samenlevingsovereenkomst hebben partijen met zoveel woorden bepaald dat de schenking na verkoop van de woning tussen hen zou worden verrekend (zie hiervoor onder 2.2). Hoewel partijen dit concept niet hebben ondertekend, leidt de rechtbank hieruit af dat partijen in de periode dat zij de woning kochten en de man de schenking ontving, ervan uitgingen dat de schenking na een eventuele verkoop van de woning weer bij de man terecht zou komen. De vrouw heeft dit ook niet weersproken. Dat partijen een andere bedoeling hadden voor het geval sprake zou zijn van toedeling in plaats van verkoop van de woning, is de rechtbank daarnaast niet gebleken. Ook is de rechtbank niet gebleken dat de man in de tussenliggende periode bij de vrouw de gerechtvaardigde verwachting heeft gewerkt dat deze verrekening wat hem betreft niet meer plaats hoefde te vinden. Het enkele feit dat de man zich niet bekommerde om het tekenen van het samenlevingscontract, zoals de vrouw heeft aangevoerd, is hiervoor onvoldoende. Gelet op dit alles moest de vrouw er rekening mee houden dat zij in een situatie als deze, waarin partijen de samenleving hebben beëindigd en daarom toedeling of verkoop van de woning plaatsvindt, de helft van het schenkingsbedrag aan de man moest vergoeden. Uit hoofde van de redelijkheid en billijkhoud dient hier in de verdeling dan ook rekening mee te worden gehouden.

Gelet op het voorgaande zal de rechtbank bepalen dat de vrouw dit bedrag ten tijde van de levering van de woning aan de man moet voldoen, en dit ook als voorwaarde stellen voor toedeling van de woning aan haar.

De gebruiksvergoeding

De man heeft tot slot aanspraak gemaakt op een gebruiksvergoeding van € 187,34, gelijk aan het aandeel van de man in de hypotheekrente. Tussen partijen is niet in geschil dat de man, nadat hij de woning op 20 juli 2025 heeft verlaten, de helft van de hypotheeklasten van de woning is blijven betalen. De vrouw heeft echter aangevoerd dat zij naast haar aandeel in de hypotheeklasten, alle overige kosten met betrekking tot de woning betaalt. De man heeft dit, met uitzondering van de waterschapsbelasting, niet weersproken, zodat de rechtbank ervan uitgaat dat de vrouw het overgrote deel van de eigenaarslasten betaalt. Ervan uitgaande dat zij dit tot aan de levering van de woning zal blijven doen, ziet de rechtbank daarom onvoldoende aanleiding tevens een gebruiksvergoeding toe te wijzen.

De rechtbank merkt tot slot nog op dat de vrouw in het kader van haar verweer tegen de gebruiksvergoeding ook nog onweersproken heeft aangevoerd dat zij de kinderopvang betaalt en geen aanspraak kan maken op de hogere toeslag die geldt voor een alleenstaande ouder, omdat de man zich nog niet heeft uitgeschreven op het adres van de woning. De rechtbank gaat ervan uit dat de man zich, indien dit nog niet is gebeurd, spoedig zal uitschrijven.

Proceskosten

Gelet op de relatie tussen partijen zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. De vrouw heeft de daadwerkelijk door haar gemaakte proceskosten gevorderd, maar daartoe bestaat onvoldoende grond. Een dergelijke vordering is alleen voor toewijzing vatbaar in geval van misbruik van procesrecht of onrechtmatig handelen. Het enkele feit dat de man niet heeft geprobeerd in overleg tot een verdeling te komen, is hiervoor onvoldoende. Gelet op de posities die partijen in deze procedure hebben ingenomen, ligt het immers niet voor de hand dat dit overleg tot overeenstemming had geleid, zodat van nodeloos en lichtvaardig procederen onvoldoende is gebleken.

5. De beslissing

De rechtbank

stelt de wijze van verdeling van de eenvoudige gemeenschap van de woning als volgt vast:

primair: toedeling van de woning aan de vrouw

de woning wordt toegedeeld aan de vrouw tegen een waarde van € 550.000, onder de opschortende voorwaarde dat zij binnen drie maanden na de datum van dit vonnis aan de man aantoont dat zij in staat is (i) de volledige eigendom van de woning te verkrijgen, (ii) de man te doen ontslaan uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheekschuld en (iii) het bedrag van € 55.123,50 te betalen aan de man ter zake de inbreng door de man van het aan hem door zijn vader geschonken bedrag;

indien aan de hiervoor onder (i), (ii) en (iii) genoemde voorwaarden wel wordt voldaan, zal de man zijn aandeel in de woning zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen een maand na het moment waarop de vrouw aantoont dat zij de benodigde financiering kan verkrijgen, bij een door de vrouw in te schakelen notaris leveren aan de vrouw. De man verkrijgt hierdoor een vordering uit hoofde van overbedeling op de vrouw. Deze vordering is gelijk aan de helft van de som van de taxatiewaarde verminderd met de actuele hypotheekschuld. Dit bedrag, te vermeerderen met een bedrag van € 55.123,50 ter zake de inbreng door de man van het aan hem door zijn vader geschonken bedrag, moet de vrouw ten tijde van de levering bij de notaris aan de man betalen. De vrouw moet in dit geval de kosten betalen van de levering bij de notaris van (het aandeel van de man in) de woning aan de vrouw;

bepaalt dat, indien de man niet tijdig voldoet aan dat wat is bepaald in 5.3 althans zijn medewerking niet verleent aan de levering van zijn aandeel in de woning aan de vrouw, dit vonnis op de voet van het bepaalde in artikel 3:300 lid 2 BW in de plaats treedt van het deel van de notariële akte van levering, waaruit moet blijken van de wilsverklaring van de man dat hij zijn aandeel in de woning levert aan de vrouw;

bepaalt dat de man ten tijde van de levering alle bescheiden die de woning betreffen en die hij in zijn bezit heeft aan de vrouw moet overdragen, als hiervoor bedoeld onder 4.7;

subsidiair: toedeling van de woning aan de man

indien aan de hiervoor onder (i), (ii) en (iii) genoemde voorwaarden niet wordt voldaan, wordt de woning toegedeeld aan de man tegen een waarde van € 550.000, onder de opschortende voorwaarde dat hij binnen twee maanden nadat is gebleken dat de vrouw niet aan genoemde voorwaarden kan voldoen, aan de vrouw aantoont dat hij is staat is (iv) de volledige eigendom van de woning te verkrijgen en (v) de vrouw te doen ontslaan uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheekschuld;

indien aan de hiervoor onder (iv) en (v) genoemde voorwaarden wel wordt voldaan, zal de vrouw haar aandeel in de woning zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen een maand na het moment waarop de man aantoont dat hij de benodigde financiering kan verkrijgen, bij een door de man in te schakelen notaris leveren aan de man. De vrouw verkrijgt hierdoor een vordering uit hoofde van overbedeling op de man. Deze vordering is gelijk aan de helft van de som van de taxatiewaarde verminderd met de actuele hypotheekschuld. Dit bedrag, te verminderen met een bedrag van € 55.123,50 ter zake de inbreng door de man van het aan hem door zijn vader geschonken bedrag, moet de man ten tijde van de levering bij de notaris aan de vrouw betalen. De man moet in dit geval de kosten betalen van de levering bij de notaris van (het aandeel van de vrouw in) de woning aan de man;

bepaalt dat, indien de vrouw niet tijdig voldoet aan dat wat is bepaald in 5.7 althans haar medewerking niet verleent aan de levering van haar aandeel in de woning aan de man, dit vonnis op de voet van het bepaalde in artikel 3:300 lid 2 BW in de plaats treedt van het deel van de notariële akte van levering, waaruit moet blijken van de wilsverklaring van de vrouw dat zij haar aandeel in de woning levert aan de man;

meer subsidiair: verkoop van de woning aan een derde

indien en voor zover aan de hiervoor onder (i) tot en met (v) genoemde voorwaarden niet wordt voldaan, zal de woning worden verkocht en geleverd aan een derde. Om dat te realiseren zullen partijen gezamenlijk binnen twee weken nadat blijkt dat geen van hen de benodigde financiering kan krijgen, een verkoopopdracht verstrekken aan een in onderling overleg in te schakelen makelaar. Deze opdracht zal inhouden dat de makelaar, tegen het in de branche gebruikelijke tarief, de vraag- en laatprijs van de woning bindend zal vaststellen en alle overige werkzaamheden in het kader van de verkoop van de woning zal verrichten;

partijen moeten de makelaar alle medewerking verlenen die nodig is voor de verkoop van de woning, waaronder (maar niet beperkt tot) het opruimen van de woning voor het maken van foto’s en het laten bezichtigen van de woning door potentiële kopers.

Partijen stemmen zo snel als mogelijk in met een op de woning uitgebracht bod als dit gelijk aan of hoger is dan de door de makelaar bindend vastgestelde laatprijs. Zij ondertekenen binnen vijf dagen na het verzoek hiertoe van de makelaar de koopovereenkomst waarin dit wordt vastgelegd. En zij tekenen op de in de koopovereenkomst vastgestelde leveringsdatum bij de notaris de leveringsakte of al eerder een volmacht voor de levering. De levering zal minimaal drie maanden na het verstrekken van de verkoopopdracht aan de makelaar plaatsvinden, tenzij partijen anders overeenkomen;

partijen betalen ieder de helft van de kosten van de makelaar, de notaris en de overige kosten voor de verkoop en levering van de woning;

partijen zullen de hypothecaire geldlening aflossen uit de verkoopopbrengst van de woning op het moment dat de woning aan een derde wordt geleverd. De man krijgt de helft van de overwaarde, te vermeerderen met een bedrag van € 55.123,50 ter zake de inbreng door de man van het aan hem door zijn vader geschonken bedrag. De vrouw krijgt het restant;

wanneer een van partijen niet binnen de hiervoor genoemde termijnen zijn of haar medewerking verleent aan de verkoop en levering van de woning aan een derde, treedt dit vonnis op de voet van het bepaalde in artikel 3:300 lid 2 BW in de plaats van het deel van de opdracht aan de makelaar, de schriftelijke koopovereenkomst of de notariële akte van levering, waaruit blijkt dat de man of vrouw opdracht geeft tot bemiddeling, de woning (mede) verkoopt dan wel (mede) levert aan de koper;

Overig

bepaalt dat de kosten van de taxatie door beide partijen voor gelijke delen gedragen zullen worden;

compenseert de proceskosten in die zin dat elke partij in conventie en in reconventie de eigen proceskosten draagt;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het anders of meer gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. I.A.M. Kroft en in het openbaar uitgesproken op 6 mei 2026.

2984

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand