ECLI:NL:RBDHA:2026:29151

ECLI:NL:RBDHA:2026:29151

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 01-10-2026
Datum publicatie 02-10-2026
Zaaknummer NL25.47457 en NL25.47461 en NL25.47463
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Zwolle

Samenvatting

De minister heeft de asielverzoeken van eisers niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder a van de Vw omdat eisers internationale bescherming genieten in Spanje. Uit Eurodac blijkt dat eisers internationale bescherming hebben in Spanje. De rechtbank komt tot het oordeel dat de beroepen van eisers ongegrond zijn. Eisers hebben niet aannemelijk gemaakt dat die bescherming is ingetrokken. Naar het oordeel van de rechtbank hebben eisers ook niet aannemelijk gemaakt dat Spanje de internationale verplichtingen niet zal nakomen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] (V-nummer: [V-nummer 1]),

de minister van Asiel en Migratie, de minister

Samenvatting

Zittingsplaats Zwolle

Bestuursrecht

zaaknummers: NL25.47457 en NL25.47461 en NL25.47463

En haar kinderen [naam 1] (V-nr [V-nummer 2]), [naam 2] (V-nr. [V-nummer 3]) en [naam 3] (V-nr [V-nummer 4]).

Samen te noemen: eisers

(gemachtigde: mr. D. Aygur),

en

(gemachtigde: mr. J. Veendorp-de Boer).

1. Deze uitspraak gaat over de niet-ontvankelijk verklaring van de asielaanvragen van eisers als bedoeld in artikel 28 van de Vw. Eisers zijn het hier niet mee eens. Zij voeren daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de niet-ontvankelijk verklaring van de asielaanvragen.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de beroepen van eisers ongegrond zijn. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eisers hebben op 6 juni 2025 aanvragen om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. [eiser] (eiseres/moeder) stelt te zijn geboren op [geboortedatum 1] 1984. [naam 1] stelt te zijn geboren op [geboortedatum 2] 2007, [naam 2] op [geboortedatum 3] 2009 en [naam 3] op [geboortedatum 4] 2011. Zij stellen allen de Syrische nationaliteit hebben. De minister heeft met de bestreden besluiten van 26 september 2025 de aanvragen van eisers in de algemene procedure niet-ontvankelijk verklaard.

Eisers hebben beroep ingesteld tegen de bestreden besluiten.

De rechtbank heeft de beroepen op 28 augustus 2026 samen met de verzoeken om een voorlopige voorziening hangende deze beroepen, op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van eisers en de gemachtigde van de minister. Eisers waren niet aanwezig.

De bestreden besluiten

3. De minister heeft de asielverzoeken van eisers met de bestreden besluiten van

26 september 2025 niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder a van de Vw omdat eisers internationale bescherming genieten in Spanje.

Uit Eurodac blijkt dat eisers sinds 2 oktober 2019 internationale bescherming hebben

in Spanje. Ook heeft eiseres een verblijfspas uit Spanje overgelegd, die echt is bevonden.

Hierdoor wordt geconcludeerd dat eiseres in Spanje internationale bescherming heeft.

Volgens de minister hebben eisers een zodanige band met Spanje dat het voor hen redelijk is om daar naar toe te gaan. De minister gaat er op grond van het interstatelijk vertrouwensbeginsel vanuit dat Spanje de verplichtingen uit het Vluchtelingenverdrag, artikel 3 van het EVRM en artikel 3 van het Antifolterverdrag naleeft. Eisers hebben niet aannemelijk gemaakt dat Spanje deze verplichtingen in hun geval niet nakomt. Bij eventuele problemen, hulp en bescherming kunnen eisers zich wenden tot de (hogere) Spaanse autoriteiten of daarvoor aangewezen instanties.

Waarom zijn eisers het hier niet mee eens zijn

4. Eisers betwisten dat ze internationale bescherming hebben. Eiseres had na verlening van haar Spaanse verblijfsvergunning geen vast woonadres kunnen verkrijgen en heeft geen toegang gehad tot de noodzakelijke basisvoorzieningen. De verblijfsvergunning is komen te vervallen, omdat eiseres zich langer dan zes maanden niet in het BRP heeft ingeschreven en sindsdien buiten Spanje heeft verbleven. Eiseres stelt dat de minister niet zonder nader onderzoek had kunnen uitgaan van een geldige verblijfsstatus.

Verder blijkt uit de verklaringen van eiseres dat zij herhaaldelijk slachtoffer is geweest van ernstig huiselijk geweld door haar echtgenoot. Ook de dochter en zoon van eiseres zijn door hem mishandeld en hebben verklaard hierdoor grote angst te hebben voor hun vader. Eisers voelden zich niet in staat om bescherming te zoeken bij de Spaanse autoriteiten, gelet op hun minderjarigheid en het ontbreken van een stabiele woonomgeving. Eiseres vreesde dat de kinderen bij een melding bij haar zouden worden weggehaald en dat zij onbeschermd zouden achterblijven. Volgens eisers is niet gebleken dat de minister deze omstandigheden heeft meegenomen heeft bij de beoordeling.

Het oordeel van de rechtbank

Status in Spanje

5. De rechtbank is allereest van oordeel dat eisers niet aannemelijk hebben gemaakt dat hun status in Spanje is gewijzigd. Het enkele feit dat de geldigheid van de Spaanse verblijfsvergunning mogelijk zou zijn verlopen, is hiervoor onvoldoende. Dit betekent namelijk niet dat de Spaanse autoriteiten de internationale bescherming ook hebben ingetrokken. In de uitspraak van de Afdeling van 1 november 2023 is onder meer overwogen dat het niet tijdig verlengen of vervangen van de geldigheidsduur van de Spaanse verblijfsdocumenten niet automatisch leidt tot intrekking van de verleende internationale bescherming. Verder heeft de Afdeling geoordeeld dat de minister mag uitgaan van de registratie in het Eurodac-systeem en dat als uit het Eurodac-systeem niet blijkt dat de status is ingetrokken, het aan vreemdelingen is om aannemelijk te maken dat zij in Spanje toch geen internationale bescherming meer hebben. Uit de informatie van de Spaanse autoriteiten is gebleken dat eisers sinds 2 oktober 2019 internationale bescherming hebben. Eisers hebben niet aannemelijk gemaakt dat die bescherming is ingetrokken. De rechtbank volgt eisers daarom niet in het standpunt dat de minister onvoldoende onderzoek zou hebben gedaan naar de geldigheid van de status van eisers. Deze beroepsgrond slaagt niet.

Interstatelijk vertrouwensbeginsel en bescherming

6. De minister kan in beginsel uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel. Dit betekent dat lidstaten erop mogen vertrouwen dat de andere lidstaten de vreemdeling in overeenstemming met het EVRM, het Vluchtelingenverdrag en het Unierecht zullen behandelen. Eisers moeten aannemelijk maken dat dit in hun geval niet kan. Naar het oordeel van de rechtbank hebben eisers niet aannemelijk gemaakt dat Spanje de internationale verplichtingen niet zal nakomen.

Naar het oordeel van de rechtbank heeft de minister zich op het standpunt kunnen stellen dat eiseres niet heeft onderbouwd dat zij geen toegang had tot huisvesting in Spanje. Ook heeft eiseres niet onderbouwd dat zij hulp heeft gezocht voor het verkrijgen van huisvesting. Het ligt op de weg van eisers om bij eventuele problemen, bij het effectueren van hun rechten als statushouders, eerst te klagen bij de hogere autoriteiten. De rechtbank oordeelt dat eiseres met haar zorgen rondom de vrees voor haar echtgenoot en klachten met betrekking tot de huisvesting moeten wenden tot de Spaanse autoriteiten. Dat klagen voor eisers niet mogelijk, of bij voorbaat zinloos is, is naar het oordeel van de rechtbank niet gebleken. De enkele stelling eiseres geen hulp kon vragen, vanwege het ontbreken van een stabiele woonomgeving en uit angst dat de kinderen bij haar weggehaald zouden worden, is naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende. De beroepsgrond slaagt niet.

Conclusie en gevolgen

7. De minister heeft de aanvraag terecht niet-ontvankelijk verklaard.

De beroepen zullen ongegrond worden verklaard. Eisers krijgen geen vergoeding van hun proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.P.W. Esmeijer, rechter, in aanwezigheid van

mr. T.C. Kasper-Kleve, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A.P.W. Esmeijer

Griffier

  • mr. T.C. Kasper-Kleve

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand