RECHTBANK DEN HAAG
Jeugd- en Zorgrecht
Zaaknummer: C/09/710362 / JE RK 26-1392
Datum uitspraak: 31 augustus 2026
Beschikking van de kinderrechter over een ondertoezichtstelling
in de zaak van
de Raad voor de Kinderbescherming, regio Haaglanden,
hierna te noemen: de Raad,
over
[minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2019 in [geboorteplaats],
hierna te noemen: [minderjarige].
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:
[de moeder] ,
hierna te noemen: de moeder,
wonende in [woonplaats],
[de vader] ,
hierna te noemen: de vader,
wonende in [woonplaats].
De kinderrechter merkt als informant aan:
William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering,
hierna te noemen: de gecertificeerde instelling.
1. Het verloop van de procedure
De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 3 augustus 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 31 augustus 2026. Daarbij waren aanwezig:
[naam 1], namens de Raad;
[naam 2], namens de gecertificeerde instelling;
de moeder bijgestaan door een tolk;
de vader.
2. De feiten
[minderjarige] is erkend door de vader.
De vader en de moeder zijn belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige].
[minderjarige] woont bij zijn moeder.
3. Het verzoek
De Raad verzoekt [minderjarige] onder toezicht te stellen voor de duur van een jaar en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
De Raad heeft het verzoek als volgt gemotiveerd. De Raad maakt zich zorgen om de ontwikkeling van [minderjarige]. [minderjarige] heeft een aanzienlijke achterstand op het gebied van taalontwikkeling en er zijn door verschillende professionals, waaronder de CJG-arts, de logopedist en school, zorgen geuit over zijn algehele ontwikkeling. Er is geadviseerd [minderjarige] komend schooljaar te laten starten op het speciaal basisonderwijs, maar de vader en de moeder hebben hiervoor geen actie ondernomen waardoor [minderjarige] op dit moment geen onderwijs volgt. De noodzakelijke onderzoeken, waaronder persoonlijkheidsonderzoek en intelligentieonderzoek, zijn niet uitgevoerd, waardoor het proces richting een passende onderwijsplek en hulpverlening is vertraagd. Het uitblijven van passend onderwijs en diagnostiek leidt ertoe dat [minderjarige] het risico loopt verder in zijn ontwikkeling te stagneren. Vader heeft recent mondeling toestemming gegeven voor een aanmelding binnen het speciaal onderwijs, maar er zijn zorgen over de bestendigheid hiervan gezien de eerdere terughoudendheid rondom het accepteren van deze vorm van ondersteuning. De Raad maakt zich daarnaast zorgen dat onvoldoende zicht is op de opvoedvaardigheden en opvoedkundige mogelijkheden van de vader en de moeder. De ouders lijken de zorgen over [minderjarige] niet te herkennen en staan ambivalent tegenover hulpverlening. De Raad vindt het van belang dat het gezin ondersteuning krijgt van een jeugdbeschermer zodat [minderjarige] weer naar school kan en de hulpverlening en diagnostiek van de grond komt.
4. De standpunten
De moeder geeft aan dat de betrokkenheid van een jeugdbeschermer niet nodig is. Zij is veel met de kinderen bezig en heeft daar niemand anders bij nodig. De moeder vindt het niet goed dat [minderjarige] geen school meer heeft en daardoor thuis zit.
De vader heeft in juni contact gehad met de onderwijsconsulent. Deze heeft aangegeven dat er in september iemand zou langskomen om te zoeken naar een passende school voor [minderjarige]. De vader heeft daarnaast brieven ontvangen van [zorginstantie] voor het onderzoek bij [minderjarige]. Dit is nog niet gestart, omdat er informatie nodig is van de logopedie en de school van [minderjarige]. De school is nu dicht voor de vakantie dus daarna zal de vader opnieuw contact opnemen met de school. De vader is ook niet tegen speciaal onderwijs voor [minderjarige]. De vader benoemt dat hij en de moeder open staan voor hulpverlening, dit accepteren en hieraan zullen meewerken.
De gecertificeerde instelling ziet ook de zorgen die de Raad heeft beschreven, maar vindt dat de verzochte duur van een jaar niet passend is. De gecertificeerde instelling vindt een termijn van zes maanden beter gelet op de zorgen die er zijn. Dan kan worden gekeken of de ouders daarna in een vrijwillig kader verder kunnen.
5. De beoordeling
De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een ondertoezichtstelling is voldaan.
De kinderrechter overweegt daartoe als volgt. Er is sprake van een ernstige ontwikkelingsbedreiging bij [minderjarige]. [minderjarige] heeft een taalontwikkelingsachterstand en er zijn zorgen dat hij vastloopt in zijn algehele ontwikkeling. Als gevolg hiervan kan [minderjarige] niet langer onderwijs volgen op zijn basisschool. Welke school aansluit bij zijn onderwijsbehoeften is op dit moment onvoldoende duidelijk. Dit komt doordat er nog geen diagnostiek is afgenomen en geen passende hulpverlening is opgestart. Wel staat vast dat regulier onderwijs niet passend is voor [minderjarige]. Om een verdere stagnatie in de ontwikkeling van [minderjarige] te voorkomen moet snel gestart worden met diagnostiek om te kijken welk onderwijs en eventuele hulpverlening bij hem past. Het is de vader en de moeder niet gelukt om dit zelfstandig in te zetten waardoor het van belang is dat zij hierbij ondersteund worden door een jeugdbeschermer. Het is daarnaast noodzakelijk dat zicht komt op de opvoedvaardigheden van beide ouders. Er zijn zorgen dat zij onvoldoende in staat zijn aan te sluiten bij de opvoedbehoeften van [minderjarige]. Ook hierin ziet de kinderrechter een rol voor de jeugdbeschermer.
Gelet hierop stelt de kinderrechter [minderjarige] onder toezicht voor de duur van zes maanden. Het verzoek wordt voor het overige aangehouden. Ter zitting is door de vader toegelicht dat hij en de moeder zich zullen gaan inzetten voor de benodigde onderzoeken en hulpverlening. De kinderrechter wil de ouders hiervoor de gelegenheid geven en vindt daarvoor een termijn van zes maanden passend. Na verloop van deze periode wil de kinderrechter van de Raad weten of zij het verzoek handhaven en informatie ontvangen over het verloop van de ondertoezichtstelling. Ook verzoekt de kinderrechter de gecertificeerde instelling om de rechtbank te informeren over de ontwikkeling van [minderjarige] gedurende de ondertoezichtstelling.
De kinderrechter verzoekt de Raad en de gecertificeerde instelling uiterlijk twee weken voor de nog nader te bepalen zittingsdatum aan de rechtbank en de overige belanghebbenden een schriftelijke update te sturen met daarin het verloop van de ondertoezichtstelling.
De beslissing wordt van rechtswege aangetekend in het gezagsregister.
De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.
6. De beslissing
De kinderrechter:
stelt [minderjarige] onder toezicht van William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering met ingang van 31 augustus 2026 tot 28 februari 2027;
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
houdt de behandeling van het verzoek aan tot een nader te bepalen zitting, gelegen vóór 28 februari 2027;
gelast de griffier tegen voormelde zitting op te roepen:
- de Raad;
- de gecertificeerde instelling;
- de moeder;
- de vader;
verzoekt de Raad en de gecertificeerde instelling uiterlijk twee weken voorafgaand aan voornoemde zitting een schriftelijke update zoals hierboven genoemd aan de rechtbank en de belanghebbenden te doen toekomen.
Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 31 augustus 2026 door
mr. M.J.L. van der Waals, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. I.M. Kroon als griffier, en op schrift gesteld op 28 september 2026.
Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:
degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.