RECHTBANK DEN HAAG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Den Haag
RK/b
Zaaknummer: 12166963 \ RR FORM 26-43
Vonnis van 25 september 2026 in de procedure bij de kantonrechter als regelrechter
in de zaak van
[eisende partij] ,
te [woonplaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eisende partij] ,
procederend in persoon,
tegen
SAMSUNG ELECTRONICS BENELUX B.V.,
te Schiphol,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Samsung,
gemachtigde: mr. J.F.A. de Voldere.
De zaak in het kort
[eisende partij] vordert betaling van € 650 van Samsung omdat hij meent dat zijn laptop (verder) beschadigd is geraakt in de periode dat Samsung de laptop onder zich had. Niet is vast komen te staan dat Samsung de laptop van [eisende partij] in slechtere staat aan hem heeft teruggestuurd dan zij hem heeft ontvangen. De kantonrechter wijst de vordering van [eisende partij] af.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het aanvraagformulier voor de regelrechter van [eisende partij] met bijlagen 1 tot en met 3
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
- de conclusie van antwoord van Samsung
- de mondelinge behandeling van 28 augustus 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De feiten
[eisende partij] heeft zijn laptop op 3 december 2025 ter reparatie aangeboden aan Samsung vanwege een defect aan een van de scharnieren waarmee het scherm aan het toetsenbord bevestigd zit.
Samsung kon de laptop (laten) repareren voor € 246,65. Dat wilde [eisende partij] niet. Samsung heeft de laptop op 9 december 2025 in niet-gerepareerde staat naar [eisende partij] teruggestuurd.
3. Het geschil
[eisende partij] vordert - samengevat - veroordeling van Samsung tot betaling van € 650. [eisende partij] legt aan de vordering ten grondslag dat Samsung zijn laptop in slechtere staat heeft teruggestuurd dan de staat waarin [eisende partij] de laptop aan Samsung gaf.
Samsung voert verweer. Samsung concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [eisende partij] , dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [eisende partij] , met veroordeling van [eisende partij] in de kosten van deze procedure. Samsung voert aan dat de laptop defect was toen zij hem kreeg en dat de laptop niet in slechtere staat verkeerde toen zij hem aan [eisende partij] retour stuurde. Daarnaast meent zij dat [eisende partij] geen schade heeft geleden.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
4. De beoordeling
[eisende partij] vordert betaling van Samsung. Het is aan hem om te stellen en – zo nodig – bewijzen dat Samsung iets verkeerd heeft gedaan (namelijk de laptop in slechtere staat heeft teruggestuurd) en dat hij daardoor schade heeft geleden. [eisende partij] heeft zijn stellingen onvoldoende onderbouwd. De kantonrechter licht dit als volgt toe.
[eisende partij] heeft onvoldoende onderbouwd dat hij zijn laptop in slechtere staat heeft teruggekregen
Deze zaak draait om de vraag of [eisende partij] zijn laptop in slechtere staat van Samsung heeft teruggekregen dan waarin hij hem ter reparatie aan Samsung heeft aangeboden. Het gaat daarbij (dus) om een vergelijking tussen de staat die de laptop had toen [eisende partij] hem aan Samsung stuurde en toen hij hem van Samsung terugkreeg.
Volgens [eisende partij] kreeg hij de laptop van Samsung terug met een loszittend scharnier waar de schroeven uit waren. Deze beschrijving komt overeen met de staat waarin [eisende partij] de laptop kennelijk aan Samsung stuurde. Daarover het volgende.
In het reparatieverzoek aan Samsung omschreef [eisende partij] het defect als: “The hinge between the screen and the keyboard is damaged. I can't close the laptop anymore. (…)” Het scharnier was op het moment dat [eisende partij] de laptop ter reparatie aan Samsung stuurde dus zodanig beschadigd dat de laptop niet meer sloot.
Volgens [eisende partij] zat het scharnier “losjes”, maar niet helemaal los toen hij de laptop opstuurde. Maar uit de beschrijving en foto die een andere reparateur (Media Markt) ongeveer drie maanden eerder van het defect heeft gemaakt, volgt iets anders. De reparateur schreef: “Scharnier aan de linker kant van het scherm lijkt los te zitten, waardoor de laptop niet goed sluit.” En heeft de volgende foto gemaakt van het defect:
De reparateur heeft geen reparatie aan de laptop uitgevoerd en heeft de laptop in niet-gerepareerde staat aan [eisende partij] teruggestuurd.
[eisende partij] heeft aangevoerd dat de foto in randnummer 4.5 geen goede weergave is van de staat van de laptop, maar dit heeft hij onvoldoende onderbouwd. Op basis van de foto’s die [eisende partij] in dat kader heeft laten zien, kan de kantonrechter niet vaststellen dat de laptop in andere (lees: betere) staat verkeerde dan te zien op de foto van de reparateur. Het valt niet uit te sluiten dat op de getoonde foto’s het scharnier tijdelijk – door de reparateur of door [eisende partij] zelf – op zijn plaats is teruggeduwd.
Op grond van het voorgaande gaat de kantonrechter ervan uit dat [eisende partij] de laptop aan Samsung heeft gestuurd met een los scharnier, waarvan verschillende schroeven ontbraken.
In het licht van het voorgaande heeft [eisende partij] onvoldoende onderbouwd dat hij zijn laptop in slechtere staat van Samsung heeft teruggekregen dan waarin hij hem ter reparatie aan Samsung heeft aangeboden. Daarom wordt de vordering van [eisende partij] afgewezen.
Proceskosten
[eisende partij] wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Samsung worden begroot op:
- salaris gemachtigde
€
288
(2 punten × € 144)
- nakosten
€
72
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
360
5. De beslissing
De kantonrechter
wijst de vorderingen van [eisende partij] af,
veroordeelt [eisende partij] in de proceskosten van € 360, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eisende partij] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.M. de Kort en in het openbaar uitgesproken op 25 september 2026.