ECLI:NL:RBDHA:2026:28038

ECLI:NL:RBDHA:2026:28038

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 22-09-2026
Datum publicatie 24-09-2026
Zaaknummer NL26.38983 en NL26.38984
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Amsterdam

Samenvatting

De minister heeft de asielaanvraag van eiser afgewezen omdat hij onder andere de homoseksuele gerichtheid van eiser niet geloofwaardig acht. De minister heeft niet zonder nadere motivering aan eiser kunnen tegenwerpen dat hij ervoor heeft ‘gekozen’ om op jongens te vallen. De andere tegenwerpingen van de minister houden wel stand. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de minister zich aldus niet ten onrechte op het standpunt gesteld dat eisers gestelde homoseksuele gerichtheid niet geloofwaardig is. Ook heeft de minister de aanvraag terecht kennelijk ongegrond verklaard. Het beroep is ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

[eiser], eiser en verzoeker (hierna: eiser)

de minister van Asiel en Migratie, de minister

Samenvatting

Zittingsplaats Amsterdam

Bestuursrecht

Zaaknummers: NL26.38983 (beroep) en NL26.38984 (voorlopige voorziening)

V-nummer: [v-nummer]

uitspraak van de enkelvoudige kamer en de voorzieningenrechter in de zaken tussen

geboren op [geboortedag] 1991, van Ghanese nationaliteit,

(gemachtigde: mr. H. Loth),

en

(gemachtigde: mr. D.A.A. de Laat).

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de asielaanvraag van eiser, als bedoeld in artikel 28 van de Vreemdelingenwet 2000 (hierna: Vw). Eiser is het hier niet mee eens. Aan de hand van de beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de asielaanvraag.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvragen als kennelijk ongegrond in stand kan blijven. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eiser heeft op 15 juni 2026 een asielaanvraag ingediend. De minister heeft met het bestreden besluit van 5 juli 2026 deze aanvraag in de versnelde asielprocedure afgewezen als kennelijk ongegrond.

3. Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit en heeft om een voorlopige voorziening verzocht, die ertoe strekt dat hij niet wordt uitgezet totdat op zijn beroep is beslist. Na het instellen van het beroep heeft de minister op 18 augustus 2026 een aanvullend besluit genomen en een verweerschrift ingediend. Eiser heeft op 26 augustus 2026 nog aanvullende gronden ingediend.

4. De rechtbank/voorzieningenrechter (hierna: de rechtbank) heeft het beroep, tezamen met het verzoek om een voorlopige voorziening, op 27 augustus 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser, de gemachtigde van eiser, B.A. Hitchcock - Szafranza als tolk in de Engelse taal en de gemachtigde van de minister.

Beoordeling door de rechtbank

Het asielrelaas

5. Eiser legt aan zijn asielaanvraag het volgende ten grondslag. Eiser verklaart dat hij eigenlijk afkomstig is uit Soedan. Hij is in 2008 met zijn moeder naar Ghana vertrokken. Vlak voor haar overlijden heeft zijn moeder hem verteld dat niet Ghana maar Soedan zijn moederland is. Na het overlijden van zijn moeder heeft hij ontdekt dat hij op jongens valt. Hij is in januari 2026 uit Ghana gevlucht vanwege zijn homoseksuele gerichtheid. Volgens eiser was de directe aanleiding daarvoor dat de overheid in Ghana wetten heeft aangenomen om homoseksualiteit strafbaar te maken.

Het bestreden besluit

6. Het asielrelaas van eiser bevat volgens de minister de volgende relevante elementen:

1. Identiteit, nationaliteit en herkomst;

2. Homoseksuele gerichtheid.

De minister vindt de identiteit, nationaliteit en herkomst en de homoseksuele gerichtheid van eiser niet geloofwaardig. De verschillende standpunten van de minister worden hieronder besproken bij het bespreken van de beroepsgronden.

Beoordeling van de beroepsgronden

7. Op de zitting is besproken dat uit de twee stukken met gronden die eiser heeft ingediend de volgende beroepsgronden moeten worden afgeleid waar de rechtbank een oordeel over moet geven:

1. Het is onterecht dat de minister de homoseksuele gerichtheid ongeloofwaardig vindt.

2. Het kan eiser niet worden tegengeworpen dat hij zijn paspoort niet heeft overgelegd.

3. Het kan eiser niet worden tegengeworpen dat hij pas op het laatste moment voor terugkeer asiel heeft aangevraagd.

In de kern komt het beroep erop neer dat de minister volgens eiser zich niet op het standpunt kon stellen dat de homoseksuele gerichtheid van eiser ongeloofwaardig is. De rechtbank ziet in de inhoud van de beroepsgronden aanleiding om zich eerst te buigen over de door de minister gegeven motivering omtrent de gestelde seksuele gerichtheid van eiser.

Homoseksuele gerichtheid

8. Eiser heeft vier redenen aangevoerd waarom de minister volgens hem onterecht heeft geconcludeerd dat zijn homoseksuele gerichtheid ongeloofwaardig is. In de eerste plaats stelt eiser zich op het standpunt dat onvoldoende rekening is gehouden met een onderdeel van het referentiekader van eiser, namelijk dat hij heel terughoudend is in het verklaren over zijn homoseksuele gerichtheid.

De rechtbank is van oordeel dat de minister zich op het standpunt kon stellen dat voldoende rekening is gehouden met het referentiekader. Eiser heeft namelijk niet duidelijk gemaakt waarom er geen rekening is gehouden met zijn terughoudendheid, of hoe de minister daar rekening mee had moeten houden. De enkele opmerking dat onvoldoende rekening is gehouden met zijn terughoudendheid is niet voldoende onderbouwd.

9. In de tweede plaats stelt eiser zich op het standpunt dat de minister zijn wisselende verklaringen over jaartallen niet had mogen tegenwerpen. Eiser heeft zich op de eerste dag van zijn gehoor in jaartallen vergist, en heeft die vergissing op de tweede dag van zijn gehoor hersteld. De minister had zijn verklaringen als hersteld moeten zien.

De rechtbank is van oordeel dat de minister zich op het standpunt kon stellen dat er geen sprake is van een simpele vergissing. Eiser heeft op de eerste dag van zijn gehoor verklaard dat zijn moeder in 2014 is overleden. Verder heeft hij verklaard dat hij zijn homoseksuele gerichtheid heeft ontdekt na het overlijden van zijn moeder. Dat was in 2015, en hij was toen 20 jaar oud. Op de tweede dag van zijn gehoor heeft eiser een briefje met jaartallen aan de gehoormedewerker overgelegd, waarop staat dat zijn moeder in 2008 zou zijn overleden. Hij was toen 14 jaar oud. Op datzelfde briefje staat dat hij in 2009 zijn homoseksuele gerichtheid ontdekte. Dat zijn grote verschillen in jaartallen. Maar niet alleen in jaartallen, ook in leeftijd en met name de bijbehorende belevingswereld van eiser. Het is dan ook niet aannemelijk dat eiser zich simpelweg heeft vergist. De minister heeft daarom de verklaring als niet hersteld kunnen zien en aan eiser tegen kunnen werpen.

10. In de derde plaats voert eiser aan dat de minister ten onrechte heeft tegengeworpen dat hij op enig moment zou hebben besloten om op een bepaald geslacht te vallen en niet op een ander geslacht, en dat dat strijdig is met wetenschappelijke bevindingen. Volgens eiser heeft het bestreden besluit hier een motiveringsgebrek, omdat geen sprake is geweest van een ‘keuze’ van eiser en een verwijzing naar wetenschappelijke bevindingen ontbreekt.

De rechtbank oordeelt als volgt. Eiser heeft verklaard dat hij meisjes niet leuk vond, omdat er een meisje was dat geld van hem had gestolen. Hij merkte dat hij geen gevoelens meer voor meisjes had, maar die wel ontwikkelde voor jongens. De minister heeft in het bestreden besluit, paragraaf 2.1.8, daarover tegengeworpen dat eiser niet zomaar kan besluiten dat hij niet meer op meisjes valt, en dat dit volgt uit ‘wetenschappelijke bevindingen’. Wat de rechtbank betreft is dit te kort door de bocht. Ieder individu beleeft de ontdekking van zijn seksuele gerichtheid op zijn eigen manier en geeft daar op zijn eigen manier woorden aan. Dat eiser hier woorden gebruikt die een keuze impliceren, neemt niet weg dat dit is hoe eiser de ontdekking van zijn seksualiteit heeft ervaren. Deze ervaring kan onderdeel zijn van het authentieke en individuele verhaal van eiser. Daarnaast had de minister bij de verwijzing naar ‘wetenschappelijke bevindingen’ moeten specificeren over welke bevindingen het dan gaat. Een dergelijke algemene verwijzing is een onvoldoende motivering voor het standpunt dat iemand niet kan besluiten wat zijn seksuele gerichtheid is.

11. Tot slot kan volgens eiser hem niet worden tegengeworpen dat hij niet geloofwaardig is omdat hij op een laat moment pas asiel heeft aangevraagd. Volgens eiser is de gegronde vrees voor vervolging vanwege zijn homoseksuele gerichtheid pas ontstaan op het moment dat hem duidelijk werd dat hij daadwerkelijk terug moest keren naar Ghana. Dat was tijdens het laatste gesprek met de Dienst Terugkeer en Vertrek voor zijn terugkeer. Ook had hij eerder geen ingang om zich tot de autoriteiten te wenden met een verzoek om internationale bescherming.

De rechtbank is van oordeel dat de minister eiser mocht tegenwerpen dat hij pas op het allerlaatste moment asiel heeft aangevraagd. Eiser heeft tijdens zijn gehoor gezegd dat hij uit Ghana is weggegaan vanwege zijn homoseksuele gerichtheid. Hij vreest vervolging omdat de regering bepaalde wetten zou hebben aangenomen. Als zijn seksuele gerichtheid voor hem de reden is geweest om uit Ghana weg te gaan, is niet aannemelijk dat hij pas op het allerlaatste moment een gegronde vrees heeft voor vervolging. Eiser zegt immers zelf dat hij is weggegaan omdat hij bang was voor de autoriteiten. Daar komt bij dat eiser in een eerder gehoor, namelijk op 10 juni 2026, nog aangeeft dat hij niet bang is voor een onmenselijke behandeling bij terugkeer. Het is niet aannemelijk dat hij op dat moment, terwijl de vraag hem zo nadrukkelijk wordt gesteld, nog geen vrees had en ongeveer twee weken later wel. De minister mocht dit dus aan eiser tegenwerpen.

12. Uit het voorgaande volgt dat de minister niet zonder nadere motivering aan eiser heeft kunnen tegenwerpen dat hij ervoor heeft ‘gekozen’ om op jongens te vallen. De andere tegenwerpingen van de minister houden wel stand. De rechtbank stelt vast dat de minister in het besluit daarnaast nog diverse andere argumenten heeft gebruikt om de gestelde seksuele gerichtheid niet geloofwaardig te achten, zoals over eisers relatie met Joshua of over de gestelde problemen vanwege zijn seksualiteit. De rechtbank stelt vast dat eiser op al deze overige punten in beroep niet is ingegaan.

13. Wel is eiser nog ingegaan op de tegenwerping dat hij zijn paspoort niet heeft overgelegd. Nu dit punt geen onderdeel uitmaakt van de geloofwaardigheidsbeoordeling van de gestelde seksuele gerichtheid, hetgeen de minister ter zitting heeft beaamd, zal de rechtbank dit punt hier verder onbesproken laten.

14. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de minister zich aldus niet ten onrechte op het standpunt gesteld dat eisers gestelde homoseksuele gerichtheid niet geloofwaardig is. De beroepsgronden slagen niet.

Kennelijk ongegrond

15. Eiser heeft in het beroepsschrift of op de zitting niet expliciet een beroepsgrond gericht tegen de kennelijk ongegrond verklaring van zijn aanvraag. Wel heeft hij beroepsgronden gericht tegen de vaststelling van zijn identiteit. Omdat de minister ter zitting heeft verklaard dat de geloofwaardigheid van de identiteit van eiser voornamelijk relevant is geweest bij het kennelijk ongegrond verklaren van het beroep, gaat de rechtbank hier voor de volledigheid op in.

De rechtbank is van oordeel dat de minister zich op het standpunt heeft kunnen stellen dat eiser de minister heeft misleid. Eiser heeft tijdens het gehoor aangegeven dat hij een andere identiteit heeft dan uit de kopie van zijn paspoort en zijn visumdossier blijkt. Vervolgens heeft eiser onvoldoende bewijs aangeleverd voor zijn opgegeven identiteit. Daarmee is niet aannemelijk geworden dat eiser een andere identiteit heeft dan door de minister is vastgesteld. Door toch anders te verklaren, mocht de minister stellen dat hij door eiser is misleid. Het gevolg hiervan is dat de minister terecht de aanvraag kennelijk ongegrond heeft verklaard.

Conclusie en gevolgen

16. De rechtbank komt tot de conclusie dat de minister de asielaanvraag van eiser op goede gronden heeft afgewezen. Het beroep is ongegrond. Dit betekent dat eiser geen gelijk krijgt.

17. Omdat de rechtbank nu beslist op het beroep van eiser, is er voor het treffen van de voorlopige voorziening geen reden meer. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af.

18. Voor een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank, in de zaak geregistreerd onder nummer: NL26.38983,

- verklaart het beroep ongegrond,

De voorzieningenrechter, in de zaak geregistreerd onder nummer: NL26.38984,

- wijst het verzoek af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.H.C. Van der Roest, (voorzieningen)rechter, in aanwezigheid van mr. L. Kooring, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen twee weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden of na de dag van plaatsing daarvan in het digitale dossier. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen. Tegen de beslissing op het verzoek om een voorlopige voorziening staat geen rechtsmiddel open.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. L. Kooring

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand