ECLI:NL:CRVB:2026:1286

ECLI:NL:CRVB:2026:1286

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 30-09-2026
Datum publicatie 01-10-2026
Zaaknummer 25/1629 ZW
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Hoger beroep

Samenvatting

Beëindiging ZW-uitkering omdat omdat appellante meer dan 65% kan verdienen van het loon dat zij verdiende voordat zij ziek werd. Voldoende medische en arbeidskundige onderbouwing.

Uitspraak

SAMENVATTING

25/1629 ZW

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 9 juli 2025, 24/6651 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[appellante] te [woonplaats] (appellante)

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)

Datum uitspraak: 30 september 2026

Het gaat in deze zaak over de vraag of het Uwv de ZW-uitkering van appellante terecht per 21 oktober 2023 heeft beëindigd. Volgens appellante was zij toen door haar (medische) beperkingen niet in staat om passende functies te verrichten zodat zij onveranderd recht heeft op een ZW-uitkering. De Raad volgt dit standpunt niet en komt tot het oordeel dat het Uwv de ZW-uitkering terecht heeft beëindigd.

PROCESVERLOOP

Namens appellante heeft mr. M. Berkel, advocaat, hoger beroep ingesteld. Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

De meervoudige kamer heeft de zaak verwezen naar een enkelvoudige kamer.

De Raad heeft de zaak behandeld op een zitting van 2 september 2026. Appellante is verschenen, bijgestaan door mr. V.C.D. Klaassen, advocaat. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door D. Okan.

OVERWEGINGEN

Inleiding

1. Bij de beoordeling van het hoger beroep zijn de volgende feiten en omstandigheden van belang.

Appellante heeft voor het laatst gewerkt als productiemedewerker voor 40 uur per week. Op 9 december 2021 heeft zij zich ziekgemeld met psychische en lichamelijke klachten. Het Uwv heeft appellante een uitkering op grond van de Ziektewet (ZW) toegekend. In het kader van een eerstejaars ZW-beoordeling heeft appellante het spreekuur bezocht van een verzekeringsarts. Deze arts heeft appellante belastbaar geacht met inachtneming van de beperkingen die zijn neergelegd in een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van 18 augustus 2023. Een arbeidsdeskundige heeft vastgesteld dat appellante niet meer geschikt is voor haar laatste werk. De arbeidsdeskundige heeft vervolgens voor appellante functies geselecteerd. Het Uwv heeft bij besluit van 20 september 2023 de ZWuitkering van appellante met ingang van 21 oktober 2023 beëindigd, omdat zij meer dan 65% kan verdienen van het loon dat zij verdiende voordat zij ziek werd.

Bij besluit van 23 mei 2024 (bestreden besluit) heeft het Uwv het hiertegen door appellante gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Hieraan ligt een rapport van een verzekeringsarts bezwaar en beroep en een arbeidsdeskundige bezwaar en beroep ten grondslag.

Uitspraak van de rechtbank

2. De rechtbank heeft het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard en daarmee het bestreden besluit in stand gelaten. Omdat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek van de verzekeringsarts bezwaar en beroep is gebaseerd op dossieronderzoek, waaronder het rapport met bevindingen van de primair beoordelend verzekeringsarts naar aanleiding van het lichamelijk onderzoek dat is verricht, heeft het verzekeringsgeneeskundig onderzoek volgens de rechtbank op voldoende zorgvuldige wijze plaatsgevonden. Ook heeft de rechtbank geen aanleiding gezien om te twijfelen aan de bevindingen van de verzekeringsartsen van het Uwv. Daarbij heeft de rechtbank van belang geacht dat uit de medische informatie van 28 juni 2022 volgt dat op 10 mei 2022, dus voor de datum in geding, door de chirurg is geconcludeerd dat formeel geen sprake is van Anterior Cutaneous Nerve Entrapment Syndrome (ACNES), maar van een intercostaal neuralgie. Deze aandoening heeft de primaire verzekeringsarts meegenomen in zijn medische beoordeling, waaruit blijkt dat deze arts bij het vaststellen van de beperkingen uit is gegaan van de diagnose zenuwbeknelling (in buikwand/ACNES). Daarom dient rekening gehouden te worden met houdingen waarbij de zenuw meer in de verdrukking komt, zoals bij bukken, tillen/dragen en gebogen zitten. Daarnaast is bewegen ook van belang. Mentale stress lijkt volgens de primair verzekeringsarts ook van invloed, wat verklaarbaar kan zijn voor de hypertonie van de rug- en buikspieren als reactie daarop. Ook heeft deze arts volgens de rechtbank onderkend dat appellante klachten heeft die tot beperkingen leiden en dat zij gebruik maakt van een TENS-apparaat om de pijn te verminderen.

In de FML van 18 augustus 2023 zijn beperkingen aangenomen op de onderdelen zwaar tillen en dragen, frequent bukken, langdurig gebogen zitten, werken met veelvuldige deadlines/productiepieken, een hoog handelingstempo, een verhoogd persoonlijk risico, conflicthantering en het omgaan met conflicten. In het rapport van 28 april 2025 heeft de verzekeringsarts bezwaar en beroep volgens de rechtbank gemotiveerd toegelicht dat beperkingen ten aanzien van het vasthouden van aandacht, het doelmatig handelen en het handelingstempo in het dagelijks functioneren over het algemeen voorkomen bij mensen met een ernstige psychische stoornis of uitgebreide neurocognitieve stoornis en dat niet is gebleken dat bij appellante sprake is van een dergelijke ernstige stoornis. De door appellante genoemde beperkingen op het gebied van reiken, frequent reiken, trappenlopen, klimmen, boven schouderhoogte actief zijn, lopen, lopen tijdens het werk, knielen of hurken, en trillingsbelasting, zijn volgens de verzekeringsarts bezwaar en beroep niet te onderbouwen, omdat bij deze handelingen niet specifiek druk wordt uitgeoefend op de betreffende zenuw waarvan appellante pijnklachten ondervindt. Ook is niet gebleken van een ontregeld dag- en nachtritme, waarbij is toegelicht dat, nu voldoende tegemoet is gekomen aan de beperkingen van appellante, er geen noodzaak bestaat voor extra recuperatie. Volgens de rechtbank zijn hiermee de geobjectiveerde beperkingen voldoende gemotiveerd en bestaat geen aanleiding om te twijfelen aan de juistheid van de medische grondslag van het bestreden besluit. Ten slotte heeft de rechtbank geen grond gezien voor het oordeel dat de belasting in de geselecteerde functies de mogelijkheden van appellante overschrijdt.

Het standpunt van appellante

3. Appellante is het met de uitspraak van de rechtbank niet eens. Volgens appellante zijn haar klachten niet juist vertaald naar de FML. Op de aspecten reiken (ook boven schouderhoogte), duwen/trekken, gedwongen/gebogen werkhoudingen en trillingsbelasting zijn de beperkingen te ruim vastgesteld. Deze belastingen lokken volgens appellante juist de klachten uit. Ook heeft appellante gesteld dat wegens haar structurele slaap- en vermoeidheidsklachten ten onrechte een urenbeperking achterwege is gebleven. Ter zitting heeft de gemachtigde van appellante daarover aangevuld dat appellante voordat zij bij de POH-GGZ onder behandeling kwam, bij een andere psycholoog onder behandeling is geweest met ernstige psychische klachten. Daarnaast heeft appellante aangevoerd dat de functies botsen met de beperkingen in de FML, waarbij ook de signaleringspunten onvoldoende zijn weerlegd. Ten slotte heeft appellante verzocht om een onafhankelijke deskundige te benoemen. Ter onderbouwing van haar standpunten heeft appellante informatie van haar behandelend psycholoog, de huisarts en algemene informatie over de aandoening ACNES overgelegd.

Het standpunt van het Uwv

4. Het Uwv heeft verzocht om de aangevallen uitspraak te bevestigen.

Het oordeel van de Raad

5. De Raad beoordeelt aan de hand van wat appellante in hoger beroep heeft aangevoerd, de beroepsgronden, of de rechtbank het bestreden besluit over de beëindiging van de ZW-uitkering terecht in stand heeft gelaten. De Raad komt tot het oordeel dat het hoger beroep niet slaagt. Hierna legt de Raad uit hoe hij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Op grond van artikel 19aa, eerste lid, van de ZW behoudt een betrokkene na 52 weken van ongeschiktheid tot werken zijn ZW-uitkering, als hij als gevolg van ziekte minder kan verdienen dan 65% van zijn laatstverdiende loon (maatmaninkomen). Dit percentage wordt berekend door het maatmaninkomen te vergelijken met het loon dat hij kan verdienen in passende functies. Bij deze beoordeling wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de systematiek van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen. Ook deze beoordeling is gebaseerd op een verzekeringsgeneeskundig en een arbeidskundig onderzoek. Beide aspecten worden hieronder besproken.

Medische beoordeling

Wat appellante in hoger beroep heeft aangevoerd, is in essentie een herhaling van de gronden die zij bij de rechtbank heeft aangevoerd. De rechtbank heeft in de aangevallen uitspraak terecht geoordeeld dat geen aanleiding bestaat voor het oordeel dat het medisch onderzoek door het Uwv onzorgvuldig is geweest. De overwegingen die de rechtbank hieraan ten grondslag heeft gelegd, worden geheel onderschreven.

Met de rechtbank wordt ook geoordeeld dat er geen aanleiding is voor twijfel aan de juistheid van de voor appellante vastgestelde belastbaarheid per 21 oktober 2023 zoals neergelegd in de FML van 18 augustus 2023. De gronden die appellante in hoger beroep heeft aangevoerd, heeft de rechtbank in de aangevallen uitspraak grotendeels besproken en uitgelegd waarom deze niet slagen. Daaraan wordt het volgende toegevoegd. Het is duidelijk – wat ook niet wordt ontkend door het Uwv – dat appellante zeer wordt beperkt als gevolg van haar klachten. Uit de beschikbare medische informatie, die door verzekeringsartsen bezwaar en beroep op een inzichtelijke wijze bij de beoordeling is betrokken, kan echter niet zonder meer worden opgemaakt dat deze verzekeringsartsen een onjuist beeld hebben gehad van de beperkingen van appellante. De zorgvuldig tot stand gekomen rapporten geven inzichtelijk weer hoe de uit de medische informatie voortvloeiende te objectiveren beperkingen voor appellante passend moeten worden geacht. De algemene informatie die ziet op de aandoening ACNES, kan hieraan niet afdoen. Zoals de rechtbank al heeft besproken, is formeel geen sprake van ACNES. De pijnklachten zijn door de verzekeringsarts bezwaar en beroep per de datum in geding 21 oktober 2023 geduid als perifere neuropathie. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft in dat licht begrijpelijk gemotiveerd welke beperkingen dit oplevert en dat deze beperkingen door de verzekeringsarts al in voldoende mate in de FML van 18 augustus 2023 zijn opgenomen. Voor verdergaande beperkingen bestaat, nu dit niet is onderbouwd met objectieve medische gegevens, geen aanleiding. Het standpunt van appellante dat zij al voor haar contacten met de POH-GGZ met ernstige psychische klachten onder behandeling is geweest bij een andere psycholoog, is ook niet onderbouwd met informatie waaruit dit zou blijken. Het in hoger beroep overgelegde huisartsenjournaal biedt daarvoor geen aanknopingspunten. Hieruit volgt dat onvoldoende aanleiding wordt gezien voor twijfel aan de goed gemotiveerde bevindingen van de verzekeringsartsen van het Uwv. Voor het benoemen van een onafhankelijke deskundige bestaat daarom geen aanleiding. Dit verzoek wordt dan ook afgewezen.

Arbeidskundige beoordeling

Wat appellante heeft aangevoerd, geeft geen aanleiding voor het oordeel dat de geselecteerde functies in medisch opzicht voor haar niet geschikt zijn. De door appellante gestelde arbeidskundige gronden houden niet meer in dan de stelling dat er meer medische beperkingen zijn dan door het Uwv zijn aangenomen. Deze stelling treft, zoals hiervoor is overwogen, geen doel.

Conclusie en gevolgen

Het hoger beroep slaagt niet. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd. Dit betekent dat de beëindiging van de ZW-uitkering in stand blijft.

6. Omdat het hoger beroep niet slaagt, krijgt appellante geen vergoeding voor haar proceskosten en het betaalde griffierecht.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door F.M. Rijnbeek, in tegenwoordigheid van G.T. Hunsel als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 30 september 2026.

(getekend) F.M. Rijnbeek

(getekend) G.T. Hunsel

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand